Het aantal moorden in de vier grote steden is vorig jaar flink gestegen. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Een duidelijke oorzaak kan het CBS niet geven.
Volgens het CBS zijn in 2007 164 mensen vermoord, dat zijn er vijf meer dan het jaar daarvoor. Daarvan vonden 67 van de moorden plaats in één van de vier grote steden. Dat zijn er 28 meer dan vorig jaar.
Daling
In 2006 verminderde het aantal moorden in die steden juist net aanzienlijk. Daar waren toen bijna de helft minder moorden dan in het jaar ervoor. Van die daling blijft nu bijna niets meer over. Wel nam het aantal moorden in de kleinere steden in 2007 verder af.
De helft van de moordslachtoffers in die periode was tussen de twintig en de veertig jaar oud. De leeftijdsgroep tussen de twintig en de dertig jaar blijkt het meest kwetsbaar als het om moord of doodslag gaat: in deze categorie vallen bijna twee keer zo veel slachtoffers als gemiddeld over alle leeftijdsgroepen.
Vrouwen
Jaarlijks worden ruim twee keer zo veel mannen als vrouwen gedood.
Bij de vrouwelijke slachtoffers werd bijna de helft door hun partner of ex-partner gedood. Dit geschiedt dan relatief vaak thuis, met een steekwapen of door verwurging. In 2007 was bij een kwart van de om het leven gebrachte vrouwen geen dader bekend of is de relatie van de dader met het slachtoffer onbekend.
In Europa zijn in de periode 2002-2006 per honderdduizend inwoners gemiddeld 1,6 moorden gepleegd. Voor Nederland ligt dit aantal gunstiger: in 2006 en 2007 is het afgenomen tot gemiddeld 1,0.
In de voormalige Oostbloklanden komen mensen relatief vaak door geweld om het leven, in de Baltische staten zelfs ruim zes keer vaker dan het Europese gemiddelde.

»
»
»