Het Internationaal Gerechtshof van de Verenigde Naties in Den Haag heeft vandaag bepaald dat Rusland en Georgië beiden de veiligheid moeten garanderen van alle etnische groepen in Zuid-Ossetië en Abchazië.
Dat is de uitkomst van een kort geding dat Georgië had aangespannen tegen Rusland. Het hof benadrukte dat zowel Rusland als Georgië niet mag discrimineren tegen personen, groepen of instanties. Dat geldt ook voor overheidsinstanties en ambtenaren.
Gesprekken
Georgië en Rusland hebben vandaag in Genève gesprekken gevoerd over de opstandige Georgische regio's Zuid-Ossetië en Abchazië. Het is voor het eerst sinds hun korte oorlog dat de landen met elkaar aan tafel zitten.
Maar volgens de Georgische president Michail Saakasjvili zijn de Russen eerder weggelopen uit het overleg.
Vorige maand bemiddelde de Franse president Sarkozy in het conflict, waarna een staakt-het-vuren volgde. Bij de zogenoemde Kaukasus-gesprekken waren ook de EU, de VN en de OVSE aanwezig.
In augustus probeerde Georgië met geweld de macht weer in handen te krijgen in Zuid-Ossetië. Rusland, dat de regio's Zuid-Ossetië en Abchazië steunt, viel daarop Georgië binnen. Moskou houdt sindsdien duizenden militairen in beide regio's.
Bezwaren
De gesprekken die vandaag achter gesloten deuren plaatsvonden moeten de stabiliteit en rust bevorderen. Diplomaten hadden niet verwacht niet dat er concrete afspraken gemaakt werden. Verwacht wordt wel dat alle partijen om de twee weken in Genève bij elkaar komen om verder te praten.
Bij deze eerste onderhandelingen maakte Rusland bezwaar tegen het feit dat er geen afgezanten van de omstreden regio's aanwezig waren. Georgië wilde geen delegaties van de twee regio's, omdat het hen als onderdeel van Georgië ziet.

»
»
»