Terwijl de herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog langzaam vervagen, blijven de kunstwerken die in die periode werden geroofd onderwerp van gesprek, vooral bij kunstliefhebbers en erfgenamen.
Het Joods Museum in Berlijn speelt daar op in met de tentoonstelling 'Roof en Restitutie, Cultuurgoed uit Joods Bezit van 1933 tot heden'.
De zoektocht naar kunst die door toedoen van de nazi's van eigenaar wisselde, is nog altijd in volle gang. Van veel kunstwerken is nog steeds niet duidelijk wat er mee is gebeurd.
Eigenaars
De Duitse expositie toont schilderijen, porselein, boekenverzamelingen, zilverwerk en privéfoto's en vertelt over het lot van de rechtmatige Joodse eigenaars.
Maar ook de andere kant wordt belicht: wie profiteerden van de kunstroof en wie waren er actief bij betrokken?
Ook de discutabele rol van musea, bibliotheken en kunsthandelaars komt aan de orde. En niet te vergeten die van de politiek, die er niet in slaagde om de kunst weer op de juiste plek te krijgen.
Goudstikker
De tentoonstelling besteedt veel aandacht aan de collectie van de Amsterdammer Jacques Goudstikker. Twee jaar geleden gaf de Nederlandse regering 202 kunstwerken aan erfgename Marei von Saher, de Amerikaanse schoondochter van Goudstikker. Daar ging wel een juridische strijd van tien jaar aan vooraf.
Ook wordt de gang gevolgd van de Ismar Littmann-verzameling, afkomstig uit Breslau. In 1999 waren de erven één van de eersten die roofkunst terugkregen.
Verder komen de geschiedenissen aan bod van de porselein- en boekenverzameling van de familie Von Klemperer uit Dresden en de Judaica-collectie van koopman Sigmund Nauheim uit Frankfurt.
De tentoonstelling in Berlijn is te zien van 19 september tot en met 25 januari 2009.

»
»
»