Het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag heeft de voormalige generaal Rasim Delic veroordeeld tot drie jaar cel. Delic was bevelhebber van de Bosnische regeringstroepen tijdens de oorlog in Bosnië. Het tribunaal achtte bewezen dat onder Delic' bevel Servische gevangenen zwaar werden mishandeld.
De mishandelingen werden gepleegd door buitenlandse jihadstrijders, de moedjahedien, die zich bij het Bosnische leger hadden gevoegd om met de islamitische Bosniërs te vechten. Delic heeft geen opdracht gegeven voor de mishandelingen, maar wordt verantwoordelijk gehouden voor de daden van zijn ondergeschikten.
Delic was de hoogste moslim die voor het Joegoslaviëtribunaal moest verschijnen. Het merendeel van de aanklachten van de VN-rechtbank was tegen etnische Serviërs.
Al-Qaida
Centrale vraag in het proces was hoeveel controle Delic had over de moedjahedienstrijders die officieel onder zijn bevel stonden. Delic verdediging stelde dat de strijders, vaak veteranen uit de Afghaanse strijd tegen de Sovjetunie en gelieerd aan al-Qaida, in feite hun eigen gang gingen.
De aanklagers daarentegen meenden echter dat Delic had kunnen en moeten weten van de mishandelingen, waarbij gevangenen werden geslagen en schokken toegediend kregen.
In één geval werden Bosnisch-Servische krijgsgevangenen gedwongen het afgehakte hoofd van een andere militair te kussen.
Ook hielden de aanklagers hem verantwoordelijk voor meerdere moorden, gepleegd door de moedjahedien. Er was 15 jaar cel tegen Delic geëist.
Vooringenomen
De rechters achtten uiteindelijk niet bewezen dat Delic van de moorden wist. Opperrechter Moloto was ook niet overtuigd van zijn schuld aan de mishandeling, maar omdat zijn twee mederechters dat wel waren, werd de generaal toch veroordeeld.
Bij het vonnis werd rekening gehouden met het feit dat Delic zich vrijwillig heeft overgegeven en mee heeft gewerkt met het tribunaal, en dat hij zich tijdens de oorlog heeft ingezet voor het Dayton-vredesakkoord.
Bosnische-Serviërs en Kroaten reageerden verbijsterd op het vonnis. De Bosnisch-Servische president Kuzmanovic noemt de relatief lage straf een bewijs voor de vooringenomenheid van het tribunaal tegen de Serviërs.

»
»
»