De gemeenteraad van Utrecht is gisteravond akkoord gegaan met de sluiting van het Veemarktcomplex. Op het terrein aan de oostkant van de stad moeten vijfhonderd woningen worden gebouwd.
Daarmee verdwijnt onder meer ook de wekelijkse automarkt, de grootste in Europa.
De oppositie in de Utrechtse raad is fel tegen het plan. De partijen zeggen dat alle activiteiten op het Veemarktterrein goed zijn voor zeker vijfhonderd banen. Die zouden met dit plan ook verdwijnen.
Afgestapt
Het principebesluit dat de Veemarkthallen moeten wijken voor woningbouw is al in 2005 genomen. Het was de bedoeling om elders in de omgeving van Utrecht een alternatieve marktplaats in te richten, maar de gemeente is van dat voornemen afgestapt.
De autohandelaren nemen dat het stadsbestuur kwalijk. "Het is de laatste jaren moeilijk zaken doen met de gemeente, het is een onbetrouwbare partner", zegt Patric Visser, bestuurslid van de belangenclub van autohandelaren.
Te duur
Volgens wethouder Robert Giesberts zou een nieuwe markt 44 miljoen euro kosten. Het college van B&W vindt dat te duur. De automarkt hoeft wat het college betreft ook niet in Utrecht te blijven. "Daar komt bij dat een ander terrein in Utrecht niet beschikbaar is."
De automarkt maakt een omzet van anderhalf miljard euro per jaar. Volgens Visser zijn 500 handelaren bij de marktorganisatie geregistreerd, maar is het aantal gedupeerden veel hoger.
Veehandelaren
Eerder deze week protesteerden ook veehandelaren tegen de sloop van de hallen. De wekelijkse veemarkt wordt binnen gehouden, in tegenstelling tot de automarkt die in de open lucht is.
Het Veemarktterrein moet per 2011 sluiten.

»
»
»