Door verslaggeefster Pauline Broekema
Duizenden dienstplichtigen sleten er een deel van hun diensttijd. In de roemruchte, in Duitsland gebouwde, Leopard I-tank.
Op het hoogtepunt van de Koude Oorlog had Nederland twaalf tankbataljons. Goed voor bij elkaar zo'n duizend Leopard's
Willem Smit, verbonden aan het Nederlands Instituut voor Militaire geschiedenis schreef er een boek over.
Overgedragen
Eind 1969 werd de eerste Leopard overgedragen aan de Nederlandse landmacht die allang met smart wachtte op een opvolger van de Centurion. Smit: "Die was tot op de draad versleten. Die stond meer op de vluchtstrook dat dat die reed."
Veel oud- dienstplichtigen praten nog vol weemoed over de Leopard. "Wat wil je?", zegt Smit. "Die dienstplichtigen kwamen er nauwelijks af. Ze woonden er in. Sliepen er op. Dat gebeurde op het achterdek. Dan werd de koepel gedraaid, kwam er over het dek -nog warm van de motor- een zeil, en zo sliep je met z'n vieren op je tank."
Smit noemt de Leopard I een betrouwbare tank. De laatste mechanische tank, niet uitgerust met de uiterst geavanceerde electronica die gevechtsvoertuigen van latere data hebben.
Stalling
Na de Val van de Muur en het einde van de Koude Oorlog gingen de tanks naar de stalling. Er kwam zo veel tweedehands defensiematerieel dat ze aanvankelijk onverkoopbaar leken.
Uiteindelijk werd een deel in 1992 verkocht aan Griekenland. En Chili nam in 1999 de rest af. Een aantal Leopard I- tanks bleef in Nederland. Als museumstuk.
Een exemplaar staat in het Museum Nederlandse Cavalerie op de Bernhardkazerne in Amersfoort.
Pierre Bokma
Daar is ook de presentatie van het boek waarvan Pierre Bokma het eerste exemplaar in ontvangst neemt.
De acteur was in 1977 en 1978 als dienstplichtige bij de cavalerie ingedeeld en verliet Defensie op 31 juli 1978 als tweede luitenant. Hij was destijds bij 41 Tankbataljon in Bergen-Hohne (in Duitsland) commandant van een peloton Leopard 1-tanks.
Deel deze pagina
video
video
video
»
»
»