De criteria voor euthanasie moeten versoepeld worden, zegt Rob Jonquière, directeur van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde.
Niet alleen ondraaglijk en uitzichtloos lijden moet een criterium voor euthanasie zijn, maar ook het onomkeerbaar verlies van persoonlijke waardigheid zou als een criterium moeten gelden.
Daardoor wordt het voor Alzheimer-patiënten makkelijker om hulp bij sterven te krijgen.
Dilemma
Nu is het zo dat Alzheimer-patiënten een lastig dilemma hebben als ze besluiten tot euthanasie. Als ze euthanasie willen kan dat eigenlijk alleen in een vroeg stadium van de ziekte, omdat de patiënt dan nog heldere momenten heeft en dus wilsbekwaam is.
In de praktijk betekent dat soms dat de patiënten eigenlijk eerder dan ze willen voor euthanasie kiezen.
Jonquière pleit voor een wetenschappelijk onderzoek dat moet kijken of er meetinstrumenten kunnen worden ontwikkeld voor het onomkeerbaar verlies van persoonlijke waardigheid. Als je die vast kunt stellen, zou het een criterium in de wet kunnen worden die toetsbaar is.
Moeilijk
Artsen staan überhaupt al niet te springen om een euthanasieverzoek van Alzheimer-patiënten in te willigen.
Volgens de artsen is het namelijk veel te moeilijk het ondraaglijk en uitzichtloos lijden vast te stellen als de patiënt dat niet meer aan kan geven. En als die nog wel wilsbekwaam is, is die lichamelijk en geestelijk nog behoorlijk goed, en dat maakt het voor de arts ook een stuk moeilijker.
Een wilsverklaring waarin de patiënt zijn euthanasieverzoek vastlegt en aangeeft in welk stadium van de ziekte de euthanasie gewenst is, heeft in de praktijk weinig waarde omdat de arts toch wil dat de patiënt het verzoek zelf mondeling doet op het moment dat de euthanasie gewenst is.
Ook al heeft de patiënt het eerder via een wilsverklaring vastgelegd.
Deel deze pagina
»
»
»