In aanloop naar de Russische verkiezingen reizen verslaggever Kees van Dam en redacteur Lucas Waagmeester door Rusland.
Een ongemakkelijk gevoel
Door Lucas Waagmeester
Nizhny Novgorod, 1 maart - Nizhny Novgorod, een massieve kluit bebouwing aan de oever van de Wolga. De brede, trage rivier verzacht de grauwe uitstraling van de industriestad. Drie zware stalen bruggen verbinden de oevers met elkaar. Brede aders zijn 24 uur per dag in beweging. Een constante stroom vrachtverkeer op weg naar de eindeloze hoeveelheid fabrieken, werkplaatsen, hallen en kantoorpandjes. Dat alles rond een centrum vol kleurrijke winkels, chique restaurants, hippe tentjes, theaters en boetiekjes.
In die warboel van activiteit groeien de bedrijfjes van Elena en Artur op. Twee piepjonge ondernemers, 20 en 25, met grote ambities. Zij ruiken tussen de rommelige bedrijvigheid van Nizhny Novgorod de kansen die een jong bedrijf nodig heeft. Elena met haar tijdschrift over zaken doen, reclame en marketing, Artur met zijn reclamebureau. Beide bedrijven hebben hun eerste successen binnen.
Maar de vraag rijst of de zakenlui achter die bedrijfjes niet liever in de disco staan. Of eerst nog eens wat doorstuderen. Dat blijkt niet het geval. "Ik heb het gevoel dat ik mijn ideeën nu moet uitvoeren. Als ik een idee heb, hebben andere in deze stad het ook. Die moet ik voor zijn. Nu handelen, anders is het te laat." Elena heeft haast, net als Artur. Ook hij straalt een soort 'nu of nooit' uit. Een mateloze drang om te oogsten, voor het te laat is.
Jonge mensen die we spreken zeggen veel vertrouwen te hebben in de Russische economie op dit moment. Er is rust, de chaos van de jaren '90 is voorbij. En voorzichtig ontstaat een middenklasse. Bestaande uit jonge ondernemers als Artur en Elena, maar ook vooral uit ambtenaren. Onder president Poetin is het ambtenarenapparaat geëxplodeerd. Hun aantal is verdubbeld en hun salarissen zijn -ondanks de flinke inflatie- aanzienlijk hoger. Al die middenklasse geeft geld uit, waar de bedrijfjes van Artur en Elena weer op drijven.
Toch bekruipt ons reizend door Rusland een ongemakkelijk gevoel. In die vrolijke voorspoed trekken de leiders in het Kremlin de macht weer ouderwets naar zich toe. Serieuze oppositie blijkt niet welkom. Zelfs nadenken of schrijven over Ruslands problemen wordt afgestraft. En waarom zou je vragen stellen? Het gaat toch lekker? Als het straks economisch weer wat minder gaat, wordt Rusland dan niet wakker uit deze droom in een nieuw autoritair bestuurd land.
Ook Artur en Elena houden zich daar niet mee bezig. Zij hebben een bedrijf te leiden. Al lijkt hun haast, hun drang om het nu te maken, een bewijs dat ze wel degelijk beseffen dat het feest van vandaag, morgen zomaar plotseling over kan zijn.
Autorijden in Rusland is hard werken
Door Lucas Waagmeester
Samara, 28 februari - Opnieuw zijn de immense afstanden in dit land indrukwekkend. Zeker voor een Nederlander. Driehonderd kilometer, bij ons zo ongeveer de afstand van het ene naar het andere uiteinde van het land, is hier de afstand naar de volgende stad. Bij ons gaat de ene stad haast over in de volgende en wat ertussen ligt, is nauwkeurig verdeeld en actief in gebruik. Hier beginnen aan de rand van de stad meteen de toendra's, taiga's en moerassen. Een stad is hier een vlekje in de leegte. En dan reizen we nog door een dicht bevolkt deel van Rusland.
Omdat de afstanden die we afleggen toch beter overbrugbaar worden, huren we in Samara een auto. Maar we zijn gewaarschuwd: autorijden is in Rusland iets anders dan thuis. Over etappes van 400 kilometer doen we een volle dag. We halen een gemiddelde snelheid van 40 kilometer per uur. Tussen de grote steden liggen twee- of driebaans wegen. Wie de middelste baan mag gebruiken, is een kwestie van aftasten; de grootste auto, de best verzekerde auto of de auto met de grootste held achter het stuur.
Maar ook als je keurig op de rechterbaan blijft, is autorijden hier hard werken. De bermen zijn hoge bergen sneeuw, waardoor de grens tussen de weg en de berm vervaagt. Het asfalt wordt bedekt door plakken ijs en modder. En als het niet sneeuwt of mistig is, wordt het zicht wel belemmerd door de wind, die flarden sneeuw de weg op blaast. Een alternatief is er niet. Wie per auto wil, moet deze wegen nemen.
Wanneer je de barre weersomstandigheden wegdenkt, wordt het niet veel beter. Onze linkerachterband is gesneuveld nadat we een dertig centimeter diepe kuil - een van de vele - te laat zagen. Vijftig meter verderop stonden we met een scheur in de band langs de kant van de weg. Tweehonderd kilometer van onze vertrekplaats en tweehonderd kilometer van ons reisdoel. En dan is er geen andere optie dan midden op de weg, tussen de voorbijrazende vrachtwagens, de band te verwisselen.
Het lijkt erop dat de Russische regering weinig aandacht heeft voor de slechte wegen. Maar wel voor het rijgedrag van de Russen. Sinds 1 januari worden automobilisten die geen gordel dragen zwaar beboet en is bellen tijdens het rijden verboden. En de politie controleert actief, dat hebben we inmiddels ook zelf mogen ervaren. Bij Kazan is door sneeuw en ijs geen witte streep op de weg te zien, maar we zijn hem volgens een agent wel overgestoken.
Hij geeft ons twee heldere opties om het probleem op te lossen: na drie uur wachten en formulieren invullen een flinke boete betalen, of meteen even mee naar een achterkamertje om een regeling te treffen. Liefst in euro's. Wij kiezen voor de laatste optie en kunnen verder. 's Avonds ontmoeten we de doorgewinterde automobiliste Elena. Na een uitgebreide lofzang op West-Europese snelwegen, vertelt zij ons dat we volgens Russische maatstaven in ieder geval niet te veel hebben betaald.
Langs de oevers van de Wolga
Door Lucas Waagmeester
Volgograd, 22 februari - De reis begint in Volgograd, Zuid-Rusland. De stad is misschien wel het beste te vergelijken met Wenen zonder centrum. Maar dan in uitgerekte vorm. Alles anderhalf keer zo groot. Wegen zijn pleinen, pleinen zijn vlaktes. Huizen zijn gebouwen, gebouwen zijn paleizen. Alles is ver weg. Iedere volgende deur is een wandeling. Twee zijstraten verder is tien minuten lopen. Er komt geen einde aan.
Mensen, auto's, bankjes en bomen zijn niets in deze stad. De straten en gebouwen heersen. Pas wanneer je vanaf een hoog punt op de stad uitkijkt, wordt ook de stad klein. Dan heerst het land, het eindeloze vlakke land, waarin de stad niet meer is dan een toevallige rij betonnen doosjes.
Dit is geen stad van barretjes en terrasjes, of een markt op het plein. Mensen op straat zijn vooral op weg naar de volgende voordeur waar ze naar binnen moeten. Het is geen gezellige boel. Wat wil je, in deze kou. Dan wordt een stad al snel kaal en grauw. Een straatmuzikant zou zijn vingers verliezen. Maar Volgograd is zeker niet troosteloos, hoewel dat vaak de associatie is bij een Russische provinciestad.
Mensen gaan niet langs elkaar heen, ze maken contact. Ondanks de -12 graden, leeft deze stad. Bij loketten en balies doen ze een vriendelijke en serieuze poging te helpen. Niet met gebogen hoofd, schuifelend over de stoep. Maar vrolijke gezichten, er worden korte babbeltjes gemaakt. De stad is netjes, de straten zijn schoon, de gebouwen zitten goed in hun vel. Veel jonge mensen. Een kalme, open sfeer.
En langs dat alles stroomt de langste rivier van Europa. Platen ijs schuiven traag voorbij. De zon weerkaatst op de ijskoude Wolga. Op de boulevard staan een paar verroeste kermisattracties; een mini-achtbaantje, een klein plateautje met zes botsauto's. Twee zijn er in gebruik. Opa in het ene wagentje en oma met kleindochter in het andere.
De baas duikt diep in zijn jas en wacht geduldig tot de rit voorbij is. De kou houdt de kermis leeg. De wagentjes rijden zo schokkerig dat een beetje botsen er niet bij is. Vooruit, dan toch nog een troosteloze aanblik. Maar het kind en haar opa en oma, hebben zichtbaar de middag van hun leven. Hun wagentjes dansen een trage, stroeve, maar heerlijke wals.

video
video
video
»
»
»