Gemeenten krijgen geen extra geld van het Rijk om overlast door Polen aan te pakken. Er komt ook geen nieuwe wetgeving. Dat zei minister Donner van Sociale Zaken op de zogenoemde 'Polen-top' in Rotterdam.
Op de top kwamen zo'n honderd gemeenten bij elkaar om te spreken over problemen die samenhangen met de komst van een grote groep arbeidsmigranten uit Oost-Europa.
Volgens de laatste cijfers van Sociale Zaken zijn er inmiddels 100.000 Oost-Europeanen in Nederland, van wie 80 procent de Poolse nationaliteit heeft.
De werknemers worden vaak op provisorische wijze, hutje mutje, gehuisvest. Buurtbewoners klagen over drankmisbruik en geluidsoverlast.
Agrarische sector
Minister Donner prees het initiatief voor de top. Hij vindt het goed dat de problemen worden geïnventariseerd, om vervolgens tot een gezamenlijke aanpak te komen.
Maar volgens hem hebben gemeenten al veel instrumenten om wantoestanden op het gebied van bijvoorbeeld huisvesting aan te pakken, en hoeft het Rijk daar niet aan te pas te komen.
Donner wees er op dat vrijdag voor het eerst een werkgroep bijeenkomt die hij samen met minister Vogelaar (Wonen, Wijken en Integratie), gemeenten en werkgevers heeft opgezet.
Daarnaast gaat hij apart praten met werkgevers uit bedrijfstakken waar veel Oost-Europeanen werken, zoals de uitzendbranche en de agrarische sector.
Roemenen
In mei 2008 zal Donner bekijken of ook Roemenen en Bulgaren hier zonder werkvergunning aan de slag kunnen. De inwoners van de nieuwste Europese lidstaten hebben nog tot 2009 een vergunning nodig om in Nederland te komen werken.
Onder anderen de Rotterdamse burgemeester Opstelten heeft gevraagd om deze situatie tot 2013 te laten voortduren.

»
»
»