De parlementaire onderzoekscommissie Onderwijsvernieuwingen is begonnen met haar openbare verhoren. De commissie neemt de onderwijsvernieuwingen van de afgelopen 20 jaar onder de loep.
Als eerste is Jos van Kemenade ondervraagd. Hij was minister van Onderwijs in de kabinetten-Den Uyl (1973-1977) en Van Agt II (1981-1982). Zijn ideeën voor de middenschool lagen ten grondslag aan de latere basisvorming.
Veel klachten
Die basisvorming is één van de omstreden veranderingen waar de commissie naar kijkt. Daardoor kregen leerlingen in de onderbouw allemaal dezelfde vakken, ongeacht hun niveau. Inmiddels bestaat de basisvorming alleen nog op papier.
Andere onderwijsvernieuwingen die onderzocht worden zijn de tweede fase, het vmbo en het nieuwe leren. Er zijn veel klachten over die vernieuwingen. Leerlingen zouden hierdoor te weinig feitelijke kennis opdoen.
Van Kemenade zei dat de politiek meer tijd moet nemen voor vernieuwingen in het onderwijs. Volgens hem worden vernieuwingen onder druk te vaak aangepast. Hij houdt vol dat de middenschool een goed idee was, maar vindt dat de basisvorming niet meer dan een noodsprong was om iets van dat idee te redden.
Beste bedoelingen
De onderzoekscommissie, onder leiding van PvdA-Kamerlid Jeroen Dijsselbloem, zal in ruim twee weken zo'n zeventig mensen aan de tand voelen. Het gaat om politici, oud-politici, schoolbestuurders, leraren, ouders en leerlingen.
Volgens Dijsselbloem, zijn grote veranderingen invaak met de beste bedoelingen door Den Haag ingezet, zonder dat er werd gekeken naar de mogelijkheden en het draagvlak.
Een parlementair onderzoek is een minder zwaar middel dan een parlementaire enquête, waarin mensen onder ede worden verhoord en desgevraagd verplicht zijn om op te dagen.

»
»
»