Huiseigenaren moeten volgend jaar gemiddeld 631 euro aan gemeentelijke lasten betalen, 2,3 procent meer dan dit jaar.
De Vereniging Eigen Huis (VEH) verwacht dit op grond van eigen onderzoek. VEH is tevreden met de "gematigde stijging".
Uit het onderzoek blijkt ook dat de tariefsverschillen tussen de gemeenten net als in vorige jaren weer groot zijn. Maar over de hele linie gaat het volgens VEH de goede kant op.
"De maatschappelijke druk op gemeenten om de woonlasten gematigd te laten stijgen, lijkt effect te hebben."
Er zijn wel gemeenten die tegen deze trend ingaan. In Zijpe (Noord-Holland) en het Zeeuwse Borselen stijgen de gemeentelijke lasten (onroerendzaakbelasting OZB, afvalstoffenheffing en rioolrecht) met meer dan 11 procent, in Wijk bij Duurstede gaat deze kostenpost met 9,4 procent omhoog.
Teschelling
In de gemeente Harenkarspel (Noord-Holand) dalen de lasten juist met 5,7 procent. Ook in Terschelling en Bergen gaan ze fors omlaag.
Het duurst zijn woningbezitters in het Utrechtse Bunnik uit. Daar bedragen de gemeentelijke lasten gemiddeld 849 euro. In het Gelderse Zevenaar komen de lasten gemiddeld uit op 414 euro, waarmee het de goedkoopste gemeente is.
Gemeenten mogen vanaf 1 januari de OZB onbeperkt verhogen. De VEH is bang dat ze dat gaan doen om financiële tekorten op de begroting weg te werken. "Het is daarom zeer de vraag of de huidige gematigde lastenstijging in de toekomst wordt voortgezet."
Uitschieter
De gemiddelde OZB-aanslag stijgt volgend jaar met 3 procent naar 210 euro, aldus de VEH. In de gemeente Bladel gaat die het sterkst omhoog, met bijna 21 procent. Uitgeest (18,6 procent) en Liesveld (14 procent) staan op de tweede en derde plaats.
In Rijnwoude daalt de OZB-aanslag juist met bijna 10 procent. De gemeente is een uitschieter; Harenkarspel komt op de tweede plek met een daling van 3,3 procent, gevolgd door Rotterdam met 2,4 procent.
Deel deze pagina
»
»
»