De politieke situatie in Pakistan was voor de moord op Bhutto al onrustig. President Musharraf riep begin november de noodtoestand uit. De president kwam in de loop van 2007 steeds meer onder vuur te liggen, enerzijds omdat hij een autoritair regime voert en anderzijds omdat hij de strijd van de islamitische extremisten in het noordwesten van het land niet onder controle krijgt.
Waarom riep Musharraf de noodtoestand uit?
De noodtoestand duurde van 3 oktober tot 15 december. Volgens de president was de maatregel nodig om zijn handen vrij te hebben in zijn strijd tegen de islamitische terroristen in het noordwesten van het land. Waarnemers dachten dat hij de rechterlijke macht voor wilde zijn, omdat die zijn macht wilde beperken. Het Hooggerechtshof moest oordelen over de rechtsgeldigheid van zijn herverkiezing. Daarbij draaide het om de vraag of Musharraf wel met de dubbelfunctie van president én legerleider aan de stembusgang mee had mogen doen.
Uiteindelijk deed Musharraf afstand van zijn uniform. Op 29 november werd hij ingezworen voor zijn tweede termijn als president. Half december werd de noodtoestand opgeheven. De parlementsverkiezingen zouden vervolgens op 9 januari moeten worden gehouden.
Het uitroepen van de noodtoestand leidde tot hevige protesten, onder meer van oppositieleidster Bhutto. Ze wilde een mars van Lahore naar Islamabad organiseren, maar werd tot twee keer toe onder huisarrest geplaatst.
Wat voor een rol speelt Pakistan op het internationale politieke toneel?
Alleen al door zijn geografische ligging, grenzend aan Afghanistan, speelt Pakistan een cruciale rol in de strijd tussen het westen en het islamitisch terrorisme. Musharraf voert een pro-westers beleid. Hij bestrijdt de extremistische Taliban die vanuit Afghanistan zijn land binnendringen en daar ook een islamitische staat willen vestigen. Pakistan is dan ook een belangrijk bondgenoot van de Amerikanen en Britten in de oorlog tegen het terrorisme en ontvangt hiervoor veel financiële steun.
Wat is de positie van Musharraf in eigen land?
In eigen land zit Musharraf tussen twee vuren. Het religieuze deel van de bevolking is tegen de president, omdat ze in hem een seculiere dictator zien die niet uit naam van de islam regeert. Veel gelovigen is het een doorn in het oog dat de leider van hun land bondgenoot is van de grote westerse mogendheden die de islamitische extremisten bestrijden. De extremisten hebben vooral in het noordwesten en op het platteland veel steun. Daarnaast is er de politieke oppositie die vindt dat de macht van de president beperkt moet worden en die wil dat Pakistan daadwerkelijk een democratische republiek wordt.
Wat is de rol van de oppositie?
Oud-premier Benazir Bhutto was, met rivaal Nawaz Sharif (ook voormalig premier), één van de belangrijkste oppositieleiders. Beiden keerden de afgelopen maanden na jarenlange ballingschap terug naar Pakistan.
Na de moord op Bhutto zei Sharif de verkiezingen van 8 januari te zullen boycotten, waarmee de kloof tussen de oppositie en Musharraf opnieuw een dieptepunt heeft bereikt. Een derde bekende oppositiekandidaat is oud-hockeyer Imran Khan. Hij werd gearresteerd tijdens de noodtoestand, maar speelt een minder belangrijke rol omdat hij minder aanhang heeft onder de bevolking.
Deel deze pagina
»