Het nieuwe Tibet

Door Ruud Stapel

In vier jaar tijd heeft Tibet een ander gezicht gekregen. Dat is al meteen te zien op het vliegveld Tsetang. Werden daar in 2003 de douaneformaliteiten nog afgehandeld in een veredelde schuur, nu staat er een hypermodern stationsgebouw vol marmer, glas en roltrappen. 

Ook de route naar de hoofdstad is met de helft bekort dankzij een spiksplinternieuwe weg en tunnel onder de Yarlung Zangbo rivier.

Groeistuipen

Tibet krijgt zijn deel van de enorme groei die China doormaakt, maar die groei heeft een prijs. Lhasa lijkt steeds meer op een doorsnee Chinese stad met groeistuipen. 

Langs de zesbaans snelweg die van de rand van de stad naar het centrum voert, rijgen de nieuwe economische zones, fabriekshallen in aanbouw, flats en autodealers van luxe westerse merken zich aaneen. Dichter bij het centrum zijn het de eindeloze rijen Chinese winkeltjes, werkplaatsen en restaurantjes die het beeld bepalen.

In één van die winkeltjes krijgen we voor het eerst ook een duidelijk signaal van de afkeer die de Tibetanen voor de Chinezen voelen. De Tibetaanse verkoopster wijst op haar Chinese collega aan de andere kant van de winkel en als ze zeker weet dat die haar niet kan verstaan doet ze haar duim omlaag en zegt: "China no good".

Alleen rond  de Jokhangtempel in het oude deel van de stad vind je nog de typische Tibetaanse woonwijken, met de witte huizen en houten lijsten voor dak en raam.

Spoorlijn

Ieder jaar kwamen er al tienduizenden Chinezen naar Tibet op zoek naar een nieuw bestaan en sinds de nieuwe spoorlijn van Golmund naar Lhasa klaar is, is die toestroom alleen maar gegroeid. 

Daarbij worden ze door de Chinese overheid geholpen met fikse premies. Want een bestaan op een hoogte van meer dan 3500 meter met enorme temperatuurschommelingen tussen zomer en winter vraagt nogal wat van de nieuwkomers. 

In drie jaar tijd is de bevolking van Lhasa gegroeid van 200.000 naar meer dan 300.000. Door deze toestroom van immigranten worden de Tibetanen snel een minderheid in eigen land.

Als we onze gids, die duidelijke Chinese trekken heeft, vragen of hij nu Chinees of Tibetaan is, reageert hij verontwaardigd. Tibetaan natuurlijk, zegt hij en van de Chinezen moet hij niets hebben. 

Om dat nog eens te onderstrepen haalt hij onder zijn T-shirt een medaillon tevoorschijn en laat ons een fotootje van de Dalai Lama zien, dat daarin verborgen zit. Een levensgevaarlijk bezit, want als de politie dat vindt riskeert hij een lange gevangenisstraf. 

Vakantiebestemming

Ook reislustige Chinezen hebben Tibet ontdekt als vakantiebestemming. Per dag komen er 3000 aan in Lhasa voor een bezoek, met als hoogtepunt de vakantiefoto voor het Potalapaleis, het symbool van Tibet. 

In hoog tempo worden er nieuwe hotels uit de grond gestampt om deze toevloed van Chinese toeristen onderdak te bieden. Ze bieden werkgelegenheid en daarmee groeiende welvaart voor een deel van de stadsbevolking.

Het Tibetaanse meisje dat ons bij het ontbijt bedient, ziet toch liever westerse toeristen. Dan kan ze tenminste haar Engels oefenen en verbeteren en dat biedt haar betere kansen op de arbeidsmarkt. 

Rond de Jokhangtempel is alles bij het oude gebleven. Daar ademt alles religie en zie je de Khampa's, pelgrims van het platteland, die vaak duizenden kilometers hebben gereisd om hier bij de meest heilige tempel van Tibet te bidden. 

Verweerde en gebruinde koppen van mannen en vrouwen die net zo verbaasd naar de blanke westerlingen kijken als wij naar hen. Deze Tibetanen vertegenwoordigen het oude Tibet, waar het boeddhistische geloof het levensritme bepaalde. 

Vroeg of laat zullen ook zij waarschijnlijk worden ingehaald door de moderne tijd en opgezogen worden door het nieuwe Tibet. 



Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio