Schilders werken met verboden middelen

Bijna zestig procent van de schilders in Nederland werkt binnen nog steeds met verboden oplosmiddelen. Dat zegt FNV Bouw na een onderzoek onder 1200 schilders.

Oplosmiddelen als thinner, terpentine en tolueen zijn volgens de Arboregels bij schilderswerk in huis al zeven jaar verboden en bijna alle schilders weten dat, maar de meesten werken er toch mee.

Onder druk

Volgens de FNV doen de schilders dat onder druk van werkgevers en opdrachtgevers.

"Jonge schilders leren op school dat ze prima met verf op waterbasis kunnen werken, maar op de werkplek leren ze dat weer af", zegt Mieke van Veldhuizen, bestuurder in de Afbouwsector.

Volgens haar gaat een deel van de schilders overstag onder druk van collega, werkgever of opdrachtgever. Argumenten die dan worden gebruikt zijn onder meer dat verf op waterbasis lelijk zou zijn of niet snel genoeg droogt. 

Verder heeft zij gemerkt dat onvoldoende wordt beseft welke gezondheidsrisico's schilders lopen door het gebruik van de verboden oplosmiddelen. "Zet maar een raam open dan merk je het niet", is een argument dat volgens Van Veldhuizen vaak wordt gebruikt. 

Schildersziekte

Door het geregeld gebruiken van oplosmiddelen kunnen schilders het Organisch Psycho Syndroom, OPS, oplopen (schilderziekte). 

Het zenuwstelsel is dan aangetast waardoor ze eerst last krijgen van duizelingen en vermoeidheid en later vergeetachtig of zelfs dement kunnen worden. Ongeveer 2500 schilders hebben deze ziekte.

Ook kan de schildersziekte de vruchtbaarheid aantasten en in de placenta terechtkomen. Daardoor kunnen kinderen van schilders leerstoornissen of ADHD krijgen.

Campagne

De FNV begint een campagne voor het gebruik van 'veilige verf'. Als begin van de campagne geeft voorzitter Jongerius vandaag verflessen aan Rotterdamse schildersleerlingen.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio