Jan Wolkers (81) overleden

Door Jef van Gool

Een paar jaar geleden zei Jan Wolkers dat hij het deksel van de doodskist zo ongeveer in de hand hield. Denken dat hij daaronder gebukt ging, zou echter een misvatting zijn. 

"De dood zit je op de hielen en is daardoor een motor en een zegen." Ook al was zijn lichaam op, hij liet zich niet dwarszitten door zijn leeftijd. Toch nog onverwacht is hij op Texel overleden. Hij is 81 jaar geworden.

'Beeldhouwer, schilder, schrijver', in die volgorde, zo noemde Wolkers zich in 2000 in een interview in Vrij Nederland. 'Dat ik beeldend kunstenaar ben, is van invloed op mijn schrijven. Ik geloof dat je je vrijer uit.' Van 1949 tot 1953 studeerde hij aan de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam beeldhouwkunst. 

Parijs

Op uitnodiging van de Franse regering vertrok hij in 1957 naar Parijs om een jaar te werken bij Zadkine. Als beeldend kunstenaar heeft hij zich vaak laten leiden door een uitgesproken engagement. Bekend zijn in dit opzicht zijn affiches tegen de oorlog in Vietnam en zijn Auschwitz-monument uit 1977.

Jan Wolkers werd op 26 oktober 1925 te Oegstgeest geboren. Hij was het derde van tien kinderen in een gereformeerd gezin. Zeker zijn eerste werken werden in hoge mate bepaald door de afrekening met de dominerende vaderfiguur uit zijn jeugd. 

Haat en afkeer richtten zich tevens op twee andere dominante begrippen uit die tijd: God en de dood. De onredelijkheid van hun tirannieke bewind ervoer hij in het bijzonder toen zijn oudere broer, die hij hogelijk bewonderde, in 1944 op 22-jarige leeftijd stierf aan difterie. 

Het kernboek in dit opzicht was Terug naar Oegstgeest (1965), de meesterlijke autobiografie van zijn jeugd.

Tillenbeest

Serpentina's petticoat uit 1961 was zijn eerste boek. Het bevat vijf verhalen die aan zeggingskracht niets hebben ingeboet, zoals 'Het tillenbeest'. 

In 1962 en 1963 volgden daarop onder meer de romans Kort Amerikaans, waarin een 19-jarige jongeman zich in het laatste oorlogsjaar aan zijn milieu tracht te ontworstelen, en Een roos van vlees, die door The Times Literary Supplement werd getypeerd als een 'extremely powerful narrative of a day in the hell of this man's claustrophobic consciousness'.

Intense omhelzing

In een intense omhelzing van het leven keerde Wolkers zich in zijn romans en verhalen tegen vader, God en de dood. Zijn gevoelens van wraak tegenover deze beklemmende drie-eenheid uitte hij in wreedheden en sadisme, zijn eerbied voor het leven in liefde en mededogen. 

Achter de levensdrift bleef echter de dood onverzettelijk aanwezig. Alles wat dierbaar is, wordt aangetast door ziekte en aftakeling, tot de dood het tenslotte geheel wegneemt. Heel aangrijpend heeft hij dit verwerkt in Turks fruit (1969), in 1973 met veel succes verfilmd door Paul Verhoeven. 

Een jongeman ziet zijn geliefde langzaam sterven aan een ongeneeslijke ziekte. Vanaf zijn vroege werk kenmerken Wolkers verhalen en romans zich door een doorwrochte compositie en een sterk gevoel voor details. De talrijke motieven die de centrale thema's dood, leven en liefde schragen, dragen bij tot de eenheid van zijn oeuvre. 

Dagboeken

In 2005, het jaar waarin hij het Boekenweekgeschenk Zomerhitte schreef, verscheen Dagboek 1974, zijn dagboek over het jaar waarin hij aan de roman De walgvogel werkte en samen met Karina onder meer Texel (waar ze in 1980 zouden gaan wonen) bezocht. 

Vorig jaar is dat gevolgd door Dagboek 1969. In dat jaar verscheen Turks fruit, gaf hij het ene interview na het andere en las hij Reis naar het einde van de nacht van Céline. Het dit jaar verschenen derde deel is het Dagboek 1972. Het bevat vele sappige beschrijvingen van het landschap en de natuur en van de bezoeken van vrienden aan het huis aan de Zomerdijkstraat in Amsterdam, waar hij en Karina woonden.

Barok en beeldrijk

In De schuimspaan van de tijd (2001, dit jaar herdrukt) werden zijn essaybundels Tarzan in Arles (1991), Rembrandt in Rommeldam ('94), Mondriaan op Mauritius (1997) en Wolkers in Wolkersdorf(2001) verzameld. Die essays zijn een lust om te lezen, door de eigenzinnige standpunten en de vaak exuberant-barokke, beeldrijke taal. 

Die herdruk verscheen naar aanleiding van het feit dat hij vijftig jaar geleden debuteerde als schrijver. In 1957 publiceerde hij in Kroniek van kunst en kultuur onder de titel 'Verzen' twee gedichten die gelden als zijn eigenlijke debuut. Een van de gedichten gaat over de dood van zijn broer Gerrit: 

'je bent gewoon maar doodgegaan

achter het gras

terwijl de herfst voor de deur stond

met deze hand

als een inktvlek

probeerde ik de zon stil te zetten...'




Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio