De Schotse actrice Deborah Kerr is op 86-jarige leeftijd overleden. Ze werd beroemd door films als The King and I en de oorlogsfilm From Here To Eternity.
Kerr begon haar loopbaan als balletdanseres toen ze zeventien jaar oud was. Twee jaar later stapte ze over naar de filmwereld. Haar grote doorbraak beleefde ze met het drama Black Narcissus uit 1947.
De met Oscars bekroonde film betekende haar ticket naar Hollywood.
Kerr kreeg haar eerste Oscarnominatie voor haar rol als alcoholistische echtgenote in Edward My Son (1949). Nog beroemder werd ze door de film From Here To Eternity (1953) waar ze opnieuw een aan alcohol verslaafde echtgenote speelde.
Vrijscène
De vrijscène op het strand, waar Kerre slechs een badpak droeg, was in die tijd reden voor commotie.
Na deze doorbraak werd haar rollenkeuze meer divers: tussen 1955 en 1965 maakte de actrice bijna twee films per jaar. Maar de meeste faam verwierf ze toch met haar tragische karakters.
Zij speelde in die periode naast alle grote Hollywood-sterren, onder anderen Robert Mitchum (Heaven Know Mr Allison), Cary Grant (An Affair to Remember) en Richard Burton (Night of the Iguana).
Een vreemde titel in haar oeuvre is de mislukte James Bond-parodie Casino Royale (1967), waarin ze naast David Niven, Peter Sellers en Orson Welles de Bond-girl speelde.
Te oud
Eind jaren zestig stopte Kerr als actrice. Ze was eind veertig en vond dat ze te oud was geworden voor een carrière in Hollywood. Kerr richtte zich na haar vijftigste vooral op het theater en televisierollen.
De laatste jaren van haar leven ging de actrice gebukt onder de ziekte van Parkinson. Zij trok zich terug uit de openbaarheid en leefde afwisselend in een kuuroord in Zwitserland en hun eigen huis in Engeland.
Ondanks in totaal zes nominaties, ontving Kerr nooit een echte Oscar. Wel werd zij in 1994 bekroond met een beeldje voor haar gehele oeuvre.

»
»
»