Turkmenistan nog altijd op slot

Door correspondent Peter d'Hamecourt

Hoeveel Turkmenbashi beelden kan een mens verstouwen op één dag. Het is een goede test op onze eerste dag in de hoofdstad van Turkmenistan, Asjgabat. Tien jaar geleden drukten we Sapamurat Nijazov persoonlijk de hand aan de poorten van zijn paleis, terwijl zijn droom van een nieuwe, geheel uit wit marmer opgetrokken hoofdstad nog in volle aanbouw was.

In december vorig jaar overleed de grote leider, de vader van alle Turkmenen. Sinds die laatste ontmoeting in 1998 is Turkmenistan als land nog steviger op slot gegaan, zeker voor journalisten. Het land schaarde zich wat dat betreft onder staten als Noord-Korea en Birma.

Er was enige hoop dat de opvolger van Turkmenbashi, Goerbangoely Berdymoechamedov, de poorten zou openzetten van dit Centraal-Zziatische land. Zijn eerste jaar aan het bewind is in dat opzicht niet hoopgevend. Het land blijft op slot, maar lijkt zich alleen te openen voor het zaken doen.

Onbekend land

Er deed zich een mogelijkheid voor een visum te krijgen. De Nederlandse ambassadeur in Moskou, Jan-Paul Dirkse, reisde begin deze maand af met een kleine delegatie diplomaten om ook in Asjgabat zijn geloofsbrieven aan te bieden. "Zou dit niet een goede gelegenheid zijn het Nederlandse volk te laten kennis maken met uw onbekende land", opperden de Nederlandse diplomaten tegenover hun Turkmeense gastheren.

De ontvangende partij moest er lang over nadenken. Enkele uren voordat de Nederlandse delegatie naar Asjgabat zou vliegen kwam het verlossende telefoontje uit Asjgabat, de NOS is welkom. Bij aankomst bleek dat daarmee niet al onze problemen waren opgelost. De Turkmeense autoriteiten beschouwden ons als leden van de Nederlandse delegatie die het programma van de ambassadeur zou volgen.

Met alle respect voor hare majesteits topdiplomaat in Moskou, maar dat programma zou weinig ander beeld opleveren dan handen schudden en vriendelijke woordenwisselingen. Er kwam een compromis dat we de hoofdpunten van het programma van de ambassadeur zouden volgen. Behalve dat konden we eigen wensen inbrengen. Het werd een gevecht van drie dagen om elk beeldje dat we mochten schieten.

In vervulling

We kregen gezelschap van een jongeman die zich voorstelde als Sader. Hij was aangewezen ons te helpen onze wensen in vervulling te brengen. Dat bleek een wat overdreven omschrijving van zijn functie. Hij was er in de eerste plaats om ons af te houden van het draaien van beelden die wij wilden.

Probeerden we Turkmenen op straat aan te spreken, iedereen spreekt er behalve het Turkmeens Russisch, dan ging hij zo demonstratief achter de camera staan dat de meeste Turkmenen bedankten voor de eer na een snelle blik op onze begeleider. Sader wees steeds op zijn kloeke lederen handtasje en zei bij herhaling: "Dit staat niet in uw programma dus mag u dit niet filmen."

Het was mij ook niet toegestaan een commentaar in te spreken op de camera op straat. Het was verboden een moskee te bezoeken anders dan de Turkmenbashi moskee buiten de stad. Soms moesten we op onze strepen staan en lieten we onze auto net zo lang stoppen tot onze Sader na vele telefoontjes toegaf.

"Waarom staan de daken van de flatgebouwen in de buitenwijken van Asjgabat - in het nieuwe Asjgabat woont geen hond - vol met satellietschotels?" was onze eenvoudige vraag. Het antwoord kwam niet en we mochten ze ook niet filmen. De Turkmenen hunkeren naar contact, maar het bewind zet vooralsnog de lijn van Turkmenbashi voort. Al zijn er lichtpunten. Er zijn ruimten waar de burger gebruik mag maken van het internet. Helaas is de service zo langzaam dat de meesten het na enkele uren opgeven de wereld op die manier een beetje dichterbij te brengen.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio