Kabinet wil minder koopzondagen

Het kabinet wil het aantal koopzondagen terugdringen. Het misbruik van de regeling moet worden aangepakt. 

In de huidige Winkeltijdenwet staat dat gemeenten maximaal twaalf koopzondagen per jaar mogen hebben. Gemeenten met een toeristisch gebied mogen de winkels vaker open houden. 

De wet blijft bestaan, maar het kabinet vindt dat te veel gemeenten menen dat er sprake is van een toeristisch gebied binnen hun grenzen. Van de 443 gemeenten maken er 157 gebruik van deze bepaling in de Winkeltijdenwet.

Motiveren

Gemeenten moeten voortaan veel duidelijker maken waarom de winkels op zondag open mogen. Ook kunnen inwoners en winkeliers in beroep gaan tegen het besluit. "Gemeenten moeten hun afweging in de tegenstelling tussen het economisch belang en het omgevingsbelang motiveren", stelt het kabinet.

Premier Balkenende erkent dat er sprake is van een gevoelig onderwerp. Er spelen economische belangen. "Maar we moeten ook rekening houden met leefbaarheid, veiligheid en zondagsrust", vindt Balkenende. Hij weerspreekt dat er sprake is van "betutteling". 

In het regeerakkoord van CDA, PvdA en ChristenUnie was al afgesproken dat het oneigenlijk gebruik van de toerismebepaling zou worden tegengegaan. Vooral de ChristenUnie vindt de zondagsrust heel belangrijk.

Impuls

Oppositiepartij D66 is tegen de beperking van het aantal koopzondagen. Het was D66-minister Wijers van Economische Zaken die het plan in 1996 om de openingstijden te versoepelen door de Tweede Kamer loodste. Dit zou de economie een goede impuls geven en ook voor werkende mensen zou het een uitkomst zijn.

Maar niet iedereen bleek onverdeeld enthousiast over de verruiming. De Utrechtse bevolking stemde in 2005 in een referendum tegen een wekelijkse koopzondag. 

De SP en de SGP hebben eind 2006 een initiatiefwetvoorstel ingediend om het misbruik van de koopzondagen tegen te gaan. De SP wil de kleine ondernemers beschermen, de SGP wil de zondagsrust terug.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio