Conflict over scène in De vliegeraar

Bij de verfilming van De vliegeraar, de bestseller van Khaled Hosseini, is een conflict ontstaan tussen de Afghaanse acteurs en de westerse producenten over een verkrachtingsscène. 

'De persoon die ik vandaag de dag ben, werd ik op mijn twaalfde, op een kille bewolkte winterdag in 1975', begint het boek.  Deze zin refereert aan de dag dat de beste vriend van Amir, hoofdpersoon Hassan, werd verkracht door een bullebak uit de buurt. Amir schiet Hassan niet te hulp, maar rent weg. Dat is het einde van hun vriendschap. 

Hassan behoort tot de Hazara's, een in de geschiedenis van Afghanistan achtergestelde minderheid. Hij is de bediende van Amir die een Pashtu (een overheersende stam) is. 

Eer

De rol van Hassan wordt gespeeld door de 11-jarige Hazara Ahmad Khan Mahmidzada. Hij en zijn vader, Ahmad Jaan, vrezen voor de gevolgen van de verkrachtingsscène in de film. 

Ahmad Jaan is bang dat de film de verhouding tussen de Hazara's en de Pashtu's zal verslechteren en dat zijn gezin in gevaar komt omdat zijn stamgenoten zullen denken dat hun eer is geschonden. "Ik ben zo bang dat ze me zullen doden", aldus de vader.

Ook zegt hij niets van de verkrachtingsscène af te hebben geweten. Pas na aankomst in China, waar de film is opgenomen, kreeg hij het te horen. Ahmad Jaan wilde hierop zijn zoon terugtrekken uit de film.

Discreet

De producenten van 'The Kite Runner' (De vliegeraar) zeggen dat de verkrachtingsscène zeer discreet, met kleding aan, is gefilmd. Volgens Rebecca Yeldham zijn de spelers van tevoren gewaarschuwd dat deze scène zou worden gefilmd. 

Toch vinden de producenten dat het op dit moment beter is om de film nog niet in Afghanistan te tonen. 

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio