Het blauwtongvirus maakt nu ook slachtoffers onder het Veluws Heideschaap, een zeldzaam schaap dat begin jaren zestig bijna was verdwenen en sindsdien is teruggefokt.
Vijftig schapen in Rheden zijn door het virus getroffen. Inmiddels is één schaap aan de ziekte bezweken.
In het Overijssels Wierden zijn ongeveer twintig schapen van het ras getroffen. Ook bij twee andere kuddes is het virus ontdekt.
Volgens Martine Otten, herderin van de getroffen kudde in Rheden, zijn haar schapen er slecht aan toe. Ze hoesten, hebben hoge koorst en kunnen nauwelijks nog staan, omdat hun poten zijn opgezwollen.
Rank
In Nederland zijn negen kuddes met Veluwse Heideschapen, met in totaal ongeveer 1300 volwassen dieren.
Veluwse Heideschapen zijn vrij grote en ranke schapen, met een opvallende gebogen neus.
Het voortbestaan van het ras kan in gevaar komen, als de blauwtong nog meer slachtoffers maakt.
Volgens Gerrit Pastink van de Stamboekvereniging Het Veluws Heideschaap en de Stichting Landelijke Werkgroep Schaapskuddes is de gewenste ondergrens voor het behoud van het ras 1500 dieren.
Mest
Vooral schapen zijn erg gevoelig voor blauwtong. Zo'n tien procent overleeft de ziekte niet. Een echte behandeling bestaat niet, want tegen het virus is geen medicijn beschikbaar. Behandeling is vooral gericht op het stillen van de pijn en het remmen van ontstekingen.
Heideschapen werden traditioneel gehouden voor de mestproductie. Hun wol is van mindere kwaliteit.
In de 19e eeuw vraten de schapen overdag de heideplanten. 's Nachts deponeerden ze hun mest in de stal. Die werd vervolgens gemengd met heideplaggen en over de schrale akkers verspreid.
De komst van kunstmest maakte de heideschapen overbodig. Tegenwoordig worden de schapen gefokt voor het onderhoud van de hei in natuurgebieden.
Deel deze pagina
»
»
»