De Filipijnse politie heeft met harde hand ingegrepen bij een betoging voor de vrijlating van communistenleider José Maria Sison. Zo'n 200 betogers waren op weg naar de Nederlandse ambassade.
Omdat daar geen toestemming voor gegeven was, sloeg de politie het protest uiteen met wapenstokken.
Er waren al rellen verwacht, nadat Sison dinsdag was aangehouden in Nederland op verdenking van moord. De ambassade is deze week gesloten.
Het Nationaal Democratisch Front, de koepelorganisatie van linkse partijen op de Filipijnen, vindt de aanklacht ongegrond. Een woordvoerder noemt het "een samenzwering tussen de Nederlandse en Filipijnse overheden."
Moorden
Sison verblijft sinds 1987 in ons land, al werd zijn asielaanvraag afgewezen. Hij wordt ervan verdacht de moorden op twee oud-partijgenoten vanuit Nederland te hebben georganiseerd.
In 2003 werd de voormalige leider van het Nieuwe Volksleger, (het NPA, de gewapende tak van Sisons CPP) doorzeefd met kogels toen hij zat te eten in een Japans restaurant.
Anderhalf jaar later werd een andere officier van het NPA vermoord, samen met zijn schoonzoon.
De NPA eiste allebei de aanslagen op. De mannen zouden te veel op eigen houtje hadden gehandeld.
Strijd
De communisten vechten al bijna veertig jaar tegen de Filipijnse overheid. Na de arrestatie van Sison zijn de vredesonderhandelingen tussen de rebellen en de overheid volledig tot stilstand gekomen.
Gisteren nog werden bij zware gevechten tussen de communisten en de politie vier mensen gearresteerd.
De communisten strijden voor een maoïstisch regime op de Filipijnen. De VS ziet de CPP als terreurorganisatie en ook Europese Unie zette Sison op een terreurlijst
Hij zegt zelf geen leidende rol meer te vervullen binnen de CPP.
Deel deze pagina

»
»
»