Verdeeld advies over ontslagrecht

De vakbeweging en de werkgevers zijn er niet in geslaagd om met een gezamenlijk standpunt te komen over mogelijke versoepeling van het ontslagrecht. 

Minister Piet Hein Donner (Sociale Zaken) wil de procedure voor het ontslaan van werknemers sterk vereenvoudigen. Hij had de sociale partners gevraagd om op zijn plannen te reageren. 

Vandaag kwamen de sociale partners met een verdeeld advies aan de minister. FNV, CNV en MHP vinden het kabinetsplan onduidelijk, onevenwichtig en eenzijdig. De werkgeversorganisaties staan juist in grote lijnen achter de plannen. 

Volgens de Sociaal-Economische Raad is de verdeeldheid tussen de vakbonden en de werkgevers nog nooit zo groot geweest. Door de tegengestelde adviezen van de sociale partners is het de vraag of minister Donner zijn plannen door de Tweede Kamer krijgt.

Vijf vragen over het ontslagrecht.

Hoe is het ontslagrecht nu geregeld?

Een bedrijf dat van een medewerker af wil, moet dat voorleggen aan de kantonrechter. Die bepaalt of het ontslag terecht is. Werknemers die op straat komen te staan kunnen doorgaans rekenen op een financiële vergoeding.

Uitzondering zijn ontslagkwesties die voortkomen uit bedrijfseconomische moeilijkheden. Een werkgever die personeel moet ontslaan, bijvoorbeeld omdat het bedrijf moet inkrimpen, kan volstaan met een toestemming van het CWI (Centrum voor Werk en Inkomen). 

Meestal staat in een sociaal plan dat de werkgever de ontslagen werknemers een financiële compensatie geeft, maar die is over het algemeen veel lager dan de vergoedingen die door kantonrechters worden vastgesteld.

Wat wil het kabinet veranderen?

Het ontslagrecht wordt volgens de plannen van minister Donner eenvoudiger. De werkgever hoeft geen toestemming meer te vragen aan de rechter. In plaats daarvan krijgt hij de plicht om de ontslagen werknemers een geldbedrag mee te geven. 

De hoogte van deze ontslagvergoeding is afhankelijk van leeftijd en aantal dienstjaren, maar is in de meeste gevallen maximaal een jaarsalaris. 

Mensen met lage inkomens komen in enkele gevallen in aanmerking voor een vergoeding die boven het jaarinkomen uitkomt. In de ontslagprocedures als gevolg van reorganisaties verandert niets. Werknemers die hun ontslagvergoeding te laag vinden, kunnen dat wel bij de rechter aanvechten.

Hoe kijken de werkgevers tegen het voorstel aan?

Ze zijn het er mee eens. De huidige procedure is volgens de werkgevers omslachtig en leidt naar hun mening vaak tot hoge ontslagvergoedingen. Daardoor is de drempel om aan een ontslagprocedure te beginnen te hoog. 

Door de procedure te vereenvoudigen komt er meer beweging op de arbeidsmarkt, voorspellen de ondernemersorganisaties. Als het gemakkelijker wordt om van werknemers af te komen, zullen werkgevers sneller besluiten om vast personeel aan te stellen.

Toch zien de werkgevers graag enkele wijzigingen. Zo willen ze graag dat werknemers bij ontslag geen heel maandsalaris per gewerkt jaar meekrijgen, maar een half maandsalaris.

Wat vinden de vakbonden?

Die wijzen de plannen helemaal af. Doordat de drempel voor ontslag omlaag gaat, wordt in de ogen van de vakbeweging de deur opengezet om personeel naar willekeur op straat te zetten. Met beroep op bedrijfseconomische argumenten kunnen werkgevers zich gemakkelijk onttrekken aan een ontslagvergoeding.

 

Daarbij wordt de juridische positie van de werknemers sterk verzwakt omdat werkgevers zonder toestemming vooraf kunnen ontslaan. Effect van het kabinetsvoorstel is ook dat de werkgevers minder druk voelen om zich in te spannen op het gebied van onder meer scholing en arbeidsomstandigheden.

De bonden willen dat de eventuele ontslagvergoeding voor iedereen gaat gelden. Ook voor mensen die op bedrijfseconomische redenen worden ontslaan. Daarnaast willen de bonden dat een tijdelijk contract niet twee, maar één keer mag worden verlengd, voordat het automatisch wordt omgezet naar een contract voor onbepaalde tijd.

Hoe gaat dit verder?

CDA-minister Donner moet zijn plannen nu verdedigen zonder de gehoopte unanieme steun van de sociale partners. Het is de vraag of de voorstellen kunnen rekenen op politieke instemming. 

Twee van de drie coalitiefracties in de Tweede Kamer, PvdA en ChristenUnie, hebben grote bezwaren. Vooral de PvdA is gevoelig voor de bedenkingen in de vakbeweging. 

Bovendien leggen de bonden zich waarschijnlijk niet zomaar neer bij een versoepeling van  ontslagrecht. Sociale onrust is niet uitgesloten en in de vakbeweging zijn al stemmen opgegaan om de rekening voor de geringere ontslagbescherming tijdens cao-onderhandelingen bij werkgevers op tafel te leggen.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio