Europees geld voor concentratiekampen

De Europese Unie moet meebetalen aan het in stand houden van voormalige concentratiekampen. Dat vindt de voorzitter van het Internationale Dachau Comité, de Nederlander Pieter Dietz de Loos. 

Alleen dan kunnen de kampen in de toekomst blijven voortbestaan. Dietz de Loos sprak vandaag in voormalig concentratiekamp Sachsenhausen nabij Berlijn, met zijn collega Günther Morsch, voorzitter van de stichting die dat kamp beheert, over zijn plannen. 

Zijn brief ligt inmiddels bij huidig EU-voorzitter Angela Merkel. De brief is ook naar José Manuel Barroso, voorzitter van de Europese Commissie, en Hans-Gert Pöttering, voorzitter van het Europees Parlement, verstuurd.

Entreegeld

Onlangs veroorzaakte Dietz de Loos grote opschudding in Duitsland. Hij stelde voor om bij het concentratiekamp Dachau ten noorden van München, entreegeld te heffen. Want het kamp heeft geld en dus personeel te weinig. Tegenover de ruim 800.000 bezoekers die jaarlijks komen, staan zes betaalde medewerkers. 

Veel te weinig, aldus Dietz de Loos, wiens vader in het kamp gevangen zat. Rondleidingen moeten worden afgezegd. En ook voor wetenschappelijk onderzoek ontbreken tijd en geld.

Zijn voorstel viel echter niet in goede aarde. De Centrale Joodse Raad in Duitsland vond het "respectloos" om entree te heffen op een plek waar grote misdaden zijn gepleegd. 

Ook de Beierse regering, één van de belangrijkste geldschieters voor het kamp, was niet enthousiast. Daarom komt Dietz de Loos nu met een nieuw voorstel. Hij pleit voor permanente financiële steun vanuit de Europese Unie. 

Derde generatie

Want, vindt Dietz de Loos, de herinnering aan de Holocaust levend houden is een gezamenlijke Europese verantwoordelijkheid. Slachtoffers uit heel Europa hebben geleden in de nazi-kampen. Daarom heeft hij zijn roep om hulp ook bewust niet bij de Duitse regering gelegd. Die investeert jaarlijks al miljoenen in het onderhoud van de kampen. 

"Bovendien zijn de huidige tweede en derde generatie niet verantwoordelijk voor de daden van hun ouders en grootouders. Het wordt tijd dat de EU, naast Duitsland, ook gaat meebetalen", zegt Dietz de Loos.

Gebeurt dit niet, dan komt met name de educatieve functie van de voormalige kampen in gevaar. Het zijn namelijk niet alleen plekken waar nabestaanden van slachtoffers naartoe komen. De kampen proberen nadrukkelijk een wegwijzer voor de toekomst te zijn. Waarin iets als de Holocaust niet meer mag gebeuren. 

Daarom moet er extra geld komen om ook in de toekomst moderne tentoonstellingen te organiseren. En om schoolklassen rond te leiden. 

Donaties

Zekerheid daarover ontbreekt momenteel voor kampen in heel Duitsland. In Oost-Europese landen ontbreekt vaak zelfs het geld om überhaupt een gedenkteken op te richten. Alleen Auschwitz kent geen problemen. Het voormalige vernietigingskamp ontvangt jaarlijks grote bedragen aan subsidies en donaties. 

Günther Morsch is niet tegen Europese subsidies, maar benadrukt dat Duitsland een belangrijke rol bij de financiering van voormalig concentratiekampen moet blijven spelen. "Dat zijn wij aan het verleden verplicht. Iedereen moet kunnen meebeslissen over wat er met de kampen gebeurt. Duitsland moet echter grotendeels financieel verantwoordelijk blijven."

Hij ziet eventuele Europese subsidies als een aanvulling, bijvoorbeeld om lokale comités van kampoverlevenden te ondersteunen. Zo kan hun werk door de tweede en derde generatie worden voortgezet. 

 

Exclusief

Joodse organisaties staan sceptisch tegenover een Europees financieringsplan. Want als de EU geld geeft aan concentratiekampen, moet zij dat ook doen aan andere plaatsen van herinnering. 

Communistische strafkampen bijvoorbeeld. Joodse organisaties vrezen dat dat de exclusieve status van de Holocaust aantast. Dat het een misdaad tussen vele andere misdaden wordt. En dat het niet meer de systematische moord op zes miljoen joden betekent. 

Van Europese zijde is nog niet op het voorstel van Dietz de Loos gereageerd. 



Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio