35 jaar cel voor Servische Kroaat

Het Joegoslavië-Tribunaal in Den Haag heeft de Servische Kroaat Milan Martic tot 35 jaar celstraf veroordeeld. De 52-jarige Martic was president van de Servische republiek Krajina, die de Serviërs in Kroatië hadden uitgeroepen. 

Het VN-hof acht Martic schuldig aan de deportatie van Kroaten en andere niet-Serviërs uit de Krajina, begin jaren negentig. Tienduizenden mensen werden in opdracht van Martic verdreven en vermoord in een lange, goed georganiseerde campagne. 

Martic werd ook schuldig bevonden aan een raketaanval op de Kroatische hoofdstad Zagreb in 1995. Hij is de eerste Kroatische Serviër die veroordeeld wordt voor misdaden tijdens de oorlog in het voormalige Joegoslavië. 

Groot-Servië 

Het hof bepaalde dat Martic één van de uitvoerders was van de 'Groot-Servië'-gedachte van toenmalig president Milosevic. Het doel daarvan was één Servië te creëren dat naast Servië zou moeten bestaan uit delen van Bosnië en Kroatië, waar destijds veel Serviërs woonden. 

Volgens het hof creëerde Martic als leider van de Krajina doelbewust een sfeer van intimidatie en angst. Zo zei hij destijds dat hij niet de veiligheid kon garanderen van niet-Serviërs in Servische gebieden. 

"Kroaten en andere niet-Serviërs werden gediscrimineerd, vermoord en gevangen gezet in een poging ze te verdrijven", aldus aanklager Alex Whiting. Volgens de aanklager werden ook de huizen van niet-Serviërs doelbewust verwoest, zodat zij niet konden terugkeren. 

In 1995 veroverde Kroatië de Krajina terug op de Serviërs. Martic vluchtte toen naar Bosnië en later naar Servië. In 2002 gaf hij zich over aan het Joegoslavië-Tribunaal.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio