Door Sander van Hoorn, correspondent van de NOS in Israël
Het terugkijken op de Zesdaagse Oorlog heeft in de Israëlische media deze week een beetje een verplicht karakter. Natuurlijk komen er uitgebreid militairen aan het woord die destijds vochten, en natuurlijk staan er in de weekendbijlage zwart-witfoto's van toen.
Verder doen de Israëlische media op de dag dat de Zesdaagse Oorlog veertig jaar geleden begon vooral feitelijk verslag van wat er aan acties is: een betoging van joodse activisten, in Hebron en Tel Aviv; een demonstratie van Palestijnen in Ramallah.
Het haalt de kranten allemaal wel, maar op de voorpagina moet je er vergeefs naar zoeken. De beelden zijn ook te zien op televisie, 's avonds. Maar er is verder niet zo heel veel nieuws, en de avondjournaals duren een uur.
Jeruzalemdag
Een deel van de verklaring is dat de meeste beschouwingen drie weken geleden al geschreven zijn. Toen was het namelijk volgens de joodse jaartelling 40 jaar geleden dat de oorlog woedde en Oost Jeruzalem veroverd werd. 'Herenigd' heet dat in Israël. De kranten werden getekend door de emotionele verhalen van mensen die zich herinnerden hoe ze voor het eerst bij de klaagmuur stonden.
Het medialandschap in Israël is zodanig pluriform dat op Jeruzalemdag ook andere geluiden te horen waren. De vaststelling dat 'hereniging' voor de inwoners van Oost Jeruzalem 'bezetting' betekent. En dat de stadshelften niet gelijk bestuurd worden. Maar de viering van de 'ondeelbare hoofdstad van het land' voerde de boventoon.
Deze week lijkt er iets meer ruimte voor reflectie. De meeste analyses en commentaren gaan over de aanloop naar de oorlog. Hoe serieus was de dreiging van de Arabische legers? Waren er alternatieven voor de oorlog? Waarom bezette Israël de Westelijke Jordaanoever? Voer voor historici en journalisten, die het er wel over eens lijken te zijn dat de dreiging reëel was en een oorlog, dus, onvermijdelijk.
Nasser, de toenmalige Egyptische president, wordt vaak aangehaald om aan te tonen dat het niet alleen een onvermijdelijke maar ook een rechtvaardige oorlog was. De vijanden waren er immers op uit Israël van de kaart te vegen. De ooggetuigenverslagen gaan over de graven die alvast gedolven werden in Tel Aviv. Over de grappen die gemaakt werden (Wil de laatste jood die vertrekt het licht op het vliegveld uitdoen?). Over de crisissfeer die heerste.
Ooggetuigenverslagen natuurlijk ook van de euforische stemming na afloop van de oorlog. De heilige plaatsen die opeens in Israëlische handen waren. Het land dat plotseling op de wereldkaart stond. Het joodse volk dat zich na de Tweede Wereldoorlog eindelijk hervonden leek te hebben. De band met Amerika die toen gesmeed werd.
Onvoltooid verleden tijd
Een historicus noemt 1967 het langste jaar uit de Israëlische geschiedenis. Sindsdien is er niets veranderd. Alle oplossingen waar nu over gepraat wordt, lagen vlak na de oorlog al op tafel en dus duurt 1967 voort tot op de dag van vandaag. Ook anderen trekken de lijnen door. Een commentator schrijft dat de acht oorlogen die Israël vocht na de Zesdaagse allemaal voortvloeiden uit die oorlog in 1967.
Internationale media besteden veel aandacht aan de bezetting die deze week ook al 40 jaar duurt, aan de Palestijnse vluchtelingen en aan de manier waarop Israël de Westelijke Jordaanoever bezet. In de Israëlische kranten zie je dat soort verhalen minder. Een enkeling vraagt zich af of het het allemaal waard geweest is. De ander is nog elke dag blij dat hij op de Westelijke Jordaanoever woont. Maar dergelijke verhalen kunnen hier elke dag in het nieuws zijn. De bezetting is immers onvoltooid verleden tijd.
Dat zie je duidelijk als je kijkt naar wat de afgelopen dagen wél de voorpagina haalde:
- nieuws over een eventueel nieuw staakt-het-vuren tussen Israël en de Palestijnen,
- de vraag of de Israëlische premier en de Palestijnse president elkaar deze week nog ontmoeten,
- de vraag of Syrië wil praten over vrede of zich voorbereidt op een nieuwe oorlog.
Goed beschouwd gaan ook die verhalen allemaal over de Zesdaagse Oorlog.
Deel deze pagina
»
»
»