"Een trieste dag", vond ABN Amro baas Rijkman Groenink, toen hij zaterdag persoonlijk het woord nam voor de Ondernemingskamer van de Amsterdamse rechtbank.
De Vereniging van Effectenbezitters (VEB) van Peter Paul de Vries heeft zijn bank gedaagd omdat die zonder de aandeelhouders te raadplegen zijn Amerikaanse dochter LaSalle verkocht.
Die ging afgelopen maandagochtend voor ruim 15 miljard euro naar Bank of America. Een werelddeal, noemde Groenink dat. Maar de VEB denkt daar heel anders over.
Truc
Die ziet de verkoop van LaSalle als een truc om de overnamestrijd rond de bank te beïnvloeden. Een consortium geleid door Royal Bank of Scotland wil 39 euro bieden voor een aandeel ABN Amro, op voorwaarde dat LaSalle daar dan nog deel van uitmaakt. Die prijs is een stuk hoger dat wat de voorgenomen fusiepartner Barclays voor de stukken biedt.
Het biedingsproces dreigt te ontsporen, betoogde de VEB voor de rechter, omdat de directie met de verkoop van LaSalle de mogelijkheid van een beter bod torpedeert.
De VEB wil dit terugdraaien met een beroep op een inspraakclausule, die stelt dat een ingrijpende verkoop moet worden voorgelegd aan de aandeelhouders.
Chaos
ABN Amro is bang dat dit tot chaos zal leiden. Gesteund door advocaten van Barclays en Bank of America betoogde de bank dat alle deals van de afgelopen weken op losse schroeven komen te staan als de rechter de VEB gelijk geeft.
Bank of America wil een schadevergoeding eisen als LaSalle niet wordt geleverd en Barclays kan het huidige akkoord met ABN Amro in de prullenbak gooien, omdat dat deels is gebaseerd op de verkoop van LaSalle.
Groenink noemt de houding van de VEB "gevaarlijk", ook voor de aandeelhouders van ABN Amro.
"Onzin", zegt VEB-directeur de Vries. "Het dreigement van chaos heb ik in bijna alle procedures voor de ondernemingskamer gehoord en nooit is het gebeurd."
Donderdag doet de rechter uitspraak.
Deel deze pagina
»
»
»