Turkse presidentskandidaat verdeelt land

Door Jessica Lutz, correspondent in Turkije



De Turkse premier Erdogan beloofde vorige week de natie aangenaam te zullen verrassen met zijn presidentskandidaat. Maar toen hij de minister van Buitenlandse Zaken, Abdullah Gül, uit zijn hoed haalde, was in ieder geval een deel van de bevolking bitter teleurgesteld.

"Mijn mooie land, wat doen ze je aan," schrijft een lezer op de website van de krant Hürriyet. "Dit is werkelijk de draak steken met de Turkse natie". Een ander: "Mijn hart doet pijn…Vreselijk. Wat vreselijk." 

En op een andere site: "Ik ben bedroefd. Hoe kan de hoofddoek het presidentiële paleis binnendringen. Dat kan ik niet verkroppen. We moeten de oorlog verklaren."  

Atatürk

's Avonds gaan in Ankara de eerste mensen de straat op, gewikkeld in vlaggen en met portretten van Atatürk. Voor  zondag is in Istanbul een massademonstratie aangekondigd. 

Gül zelf sust de gemoederen. Hij zegt dat hij trouw zal zijn aan de grondwet die voorschrijft dat Turkije een democratische, seculiere, sociale rechtsstaat is. Dus hoe gegrond zijn deze angstige reacties? 

De toekomstige first lady draagt inderdaad haar hoofddoek met overtuiging. In 2002 diende ze klacht in tegen haar land bij het Europese Hof voor de Mensenrechten omdat ze haar hoofddoek niet mocht dragen op de foto voor haar registratie bij de universiteit. 

Klacht

Ze had, nu de kinderen wat groter zijn, Arabisch willen studeren. Om de carrière van haar man niet te schaden, trok ze de klacht in na de verkiezingsoverwinning van november 2002.

Er hoeft ook geen twijfel te bestaan over Güls politieke kleur. Hij is een zwaargewicht in de islamitische beweging, van jongsaf aan betrokken, net als zijn vader. Vanaf 1991 zit hij in het parlement voor de islamitische partij en daarvoor werkte hij voor de Islamitische Onwikkelingsbank in Riyad in Saoedi- Arabië. 

In 2000 werd hij bijna partijleider als voortrekker van de vernieuwingsbeweging binnen de partij. Toen dat niet lukte, splitste hij zich met een groep gelijkgestemden af van de ultra-conservatieve, radikale kern om de huidige AK-partij op te richten. Daarvan werd Erdogan de leider. 

Democratisch secularisme

De mannen die de AKP vormen, realiseren zich dat hardline fundamentalisme te marginaal was om hen aan de macht te brengen. "Democratisch secularisme" werd het nieuwe motto. In hun democratisch model mogen moslimvrouwen overal en altijd een hoofddoek dragen. 

En secularisme betekent voor hen dat de staat zich absoluut niet bemoeit met geloofsbelijding. Dat staat lijnrecht op de Turkse wetten die de hoofddoek in bepaalde gevallen verbiedt. Bijvoorbeeld op pasfoto's, zoals mevrouw Gül moest ondervinden. Of in openbare gebouwen. Voor vrouwen die een publieke functie vervullen: leerkrachten, rechters, parlementsleden.

De AKP heeft dit niet kunnen veranderen in de vier en een half jaar dat ze aan de macht is. De huidige president Sezer, een ultra-secularist, heeft zijn veto uitgesproken tegen talloze wetten die hij in strijd achtte met het seculiere karakter van de staat. 

Benoemingen

Ook heeft hij honderden benoemingen van topambtenaren, rechters en rektoren tegengehouden omdat hij de kandidaten te islamitisch georienteerd vond. Met Gül als president, zou dat wel eens kunnen veranderen. 

De seculier-gezinden zijn talrijk (twee derde stemde niet voor AKP) en hebben ze het leger achter zich. Dat heeft in 1997 nog een pro-islamitisch kabinet tot aftreden gedwongen, waarin Gül een ministerspost bekleedde. En het heeft ook nu al waarschuwende geluiden laten horen. 

Maar er is nog een groep, waartoe een groot deel van het bedrijfsleven behoort, die vindt dat de secularisten te rigide zijn. Zij geloven dat de diversiteit van de bevolking een islamitische overname onmogelijk maakt. Verandering is vooruitgang vinden ze. 

Gül heeft beloofd een president voor iedereen te zijn. "Onze verschillen zijn onze rijkdom," zegt hij. 

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio