De boze brief van de Belgische premier Verhofstadt over de verplaatsing van Maastrichtse coffeeshops is een verkiezingsstunt. Dat heeft burgemeester Leers van Maastricht gezegd.
"In België zijn binnenkort verkiezingen en de partij van Verhofstadt staat er slecht voor", zei Leers. Volgens hem moest de premier daarom wel in het nieuws komen met iets dat het goed doet bij de kiezers.
In de boze brief aan premier Balkenende uit Verhofstadt zijn ongenoegen over het besluit van Maastricht om een aantal coffeeshops naar de grens van de stad en dus naar de grens met België te verplaatsen.
Belgische grensgemeenten zijn bang voor grote overlast. Verhofstadt - die zijn Nederlandse ambtgenoot in de aanhef van de brief overigens per abuis aanspreekt als Peter Jan - eist onmiddellijk overleg met Balkenende.
Regeerakkoord
Dinsdag keurde de gemeenteraad van Maastricht het plan van burgemeester Leers goed om zeven van de zestien coffeeshops in de binnenstad te verplaatsen, onder andere naar de grens met het Belgische Lanaken en in de buurt van Riemst. De gemeente wil met het spreiden van de coffeeshops de overlast bestrijden.
Volgens Verhofstadt is het voornemen in strijd met het Nederlandse regeerakkoord, waarin staat dat coffeeshops niet naar de grenzen worden verplaatst.
Bovendien staat in het Schengen-verdrag dat lidstaten met hun drugsbeleid géén overlast mogen veroorzaken aan de buurlanden.
De Belgische premier bekritiseert de eenzijdige aanpak van Maastricht en schrijft dat het ook anders kan. Hij verwijst naar Terneuzen, waar België wel bij het overleg over de coffeeshops wordt betrokken.
Gedoogbeleid
De Belgische minister van Binnenlandse Zaken Dewael stelde de kwestie donderdag aan de orde in Luxemburg, waar de Europese ministers van Justitie bijeen waren en dus ook minister Hirsch Ballin.
Hij stelt dat Nederland zelf heeft gekozen voor een gedoogbeleid, met drugstoerisme tot gevolg. "Nederland moet dit probleem nu zelf oplossen en niet exporteren", zegt Dewael.

»
»
»