Het kost steeds meer geld om politici en andere publieke figuren te beschermen. Dat zegt de DKDB, de dienst koninklijke en diplomatieke beveiliging.
Voor de moord op Pim Fortuyn in 2002 gaf de overheid 12 miljoen euro uit aan beveiliging. In 2006 was dat 34 miljoen euro, bijna drie keer zoveel. De kosten zijn gestegen omdat meer mensen permanente beveiliging krijgen.
"De stijging van de kosten zit hem niet in het beveiligen van het koninklijk huis. Dat is al jaren stabiel. Het gaat vooral om de mensen met een andere publieke functie die steeds vaker doelwit kunnen zijn van kwaadwillenden", aldus Guus Appels, hoofd van de DKDB in het Algemeen Dagblad.
Wilders
De DKDB beveiligt tien leden van het koninklijk huis. Ongeveer 15 tot 20 andere politici en andere vips krijgen ook permanente bewaking.
Wie dat zijn, wil de DKDB niet zeggen. Van mensen als premier Balkenende en de kamerleden Wilders en Verdonk is bekend dat ze doorlopende beveiliging hebben.
De DKDB verwacht dat de kosten voor beveiliging in 2008 zullen stijgen naar 46 miljoen, onder meer omdat er nog altijd niet voldoende persoonsbeveiligers zijn.
Momenteel heeft de DKDB 306 lijfwachten in dienst. Dat moeten er zeker 400 worden.
Om het tekort aan het personeel op te vangen, doet de DKDB nu regelmatig een beroep op de regiopolitie.
Deel deze pagina
»
»
»