Het voortgezet onderwijs wil extra geld van het kabinet. In een gezamenlijke brief van de werkgevers en de vakbonden staat dat er structureel 1,2 miljard euro extra nodig is.
Met dat geld moeten de salarissen van de leraren worden opgetrokken en moet de werkdruk worden verminderd.
Verder moet de kwaliteit van het onderwijs worden verbeterd. Er vallen nu te veel lessen uit, er staan te veel onbevoegde leraren voor de klas en te veel leerlingen verlaten de school zonder diploma, zo staat in de brief.
Prestatiecontracten
Het nieuwe kabinet heeft wel meer geld uitgetrokken voor het onderwijs, maar werkgevers en bonden zijn daar niet tevreden over. In ruil voor extra geld zijn ze bereid tot het sluiten van prestatiecontracten.
De inkomens van leraren in het voortgezet onderwijs blijven volgens de sociale partners fors achter bij de inkomens bij de rest van de overheid en bij de inkomens in de marktsector. Door de vergrijzing dreigt een lerarentekort, waardoor in de toekomst tien procent van de lessen niet meer gegeven kan worden.
De organisaties (de VO-Raad, AOB, ABVAKABO, CNV Onderwijs en CMHF) willen dat een bezuiniging van 84 miljoen euro, het afschaffen van de zogeheten fusieprikkel, ongedaan wordt gemaakt. Daarnaast vinden ze het invoeren van gratis schoolboeken geen echte investering in het onderwijs.

»
»
»