In Estland heeft de centrumrechtse Hervormingspartij van premier Adrus Ansip de parlementsverkiezingen gewonnen. Het is voor het eerst sinds de onafhankelijkheid van het land in 1991 dat de partij van een zittende premier er zegeviert.
De partij krijgt 31 van de 101 zetels in het parlement. Omdat de coalitiepartner, de Centrumpartij van Edgar Savisaar, 29 zetels krijgt, kunnen de twee opnieuw een regering vormen.
De regeringspartijen profiteerden van de sterke economische groei in Estland van de afgelopen jaren. De werkloosheid neemt af, Estland heeft de laagste staatsschuld van Europa en er heerst een gunstig belastingklimaat.
Internet
De economische groei is deels toe te schrijven aan de informatietechnologie, die een belangrijke sector is in Estland. De Baltische staat maakte bij deze parlementsverkiezingen als eerste land ter wereld gebruik van stemmen via internet.
Toch heerst er veel armoede en heeft Estland relatief veel hiv-besmettingen, relatief het hoogste aantal gevangenen in de EU, en de levensverwachting van Estse mannen is met 66 jaar de laagste van Europa.
Russen
Daarnaast heeft Estland nog een ander, specifiek probleem: etnische Russen. De spanning tussen deze grote groep en de Estse bevolking liep vorige maand opnieuw hoog op toen het Estse parlement een wet aannam om een oorlogsmonument uit de Sovjet-tijd te laten verwijderen uit het centrum van de hoofdstad Tallinn. Uiteindelijk weigerde de president het wetsvoorstel uit te voeren.
Het spreekt voor zich dat ook Moskou niet blij was met het voornemen om het monument te verplaatsen. De relatie tussen Estland en Rusland is gespannen sinds de afscheiding van de Sovjet-Unie in 1991.
Deel deze pagina
»
»
»