Door Liedeke Morssinkhof, NOS-bureau in Berlijn
De vier laatste Nederlandse oorlogsmisdadigers in Duitsland ontlopen hun straf. Dat blijkt uit onderzoek van het NOS-bureau in Berlijn. De mannen zijn na de oorlog in Nederland veroordeeld, maar vluchtten allen naar Duitsland. Piet-Hein Donner, in 2003 minister van Justitie, verzocht toen Duitsland de Nederlandse straffen alsnog ten uitvoer te leggen.
Nieuwe wetgeving maakte dat in principe mogelijk. De Duitse minister Brigitte Zypries stemde in met Donners verzoek, maar tot resultaat leidde het nooit. In sommige gevallen hebben Duitse rechtbanken het verzoek reeds afgewezen.
Een enkele zaak is nog niet definitief afgerond, maar de kans dat de oorlogsmisdadigers achter Duitse tralies komen, is nihil. De Duitse justitie kent geen veroordeling bij verstek. De buitengewone rechtspraak in het Nederland van kort na de oorlog wordt in Duitsland juridisch niet erkend.
Het verzoek van oud-minister Donner ging over een zestal oorlogsmisdadigers, waarvan er inmiddels twee zijn overleden. Allemaal pleegden zij tijdens de Tweede Wereldoorlog in Duitse dienst misdaden in het bezette Nederland.
Hoogendam
De minister kwam in actie, nadat journalisten oorlogsmisdadiger Dirk Hoogendam hadden opgespoord. Deze was kort na de oorlog bij verstek veroordeeld tot de doodstraf, later omgezet in levenslang. Hij had jaren anoniem in Duitsland geleefd. Het Openbaar Ministerie in Nederland onderzocht de mogelijkheden om Hoogendam alsnog zijn straf te laten uitzitten.
Daarop kwamen ook de dossiers van de vijf andere mannen opnieuw op tafel. Klaas Carel Faber, Toon Soetebier, Herbertus Bikker, Siert Bruins en Heinrich Boere waren eveneens na de oorlog in Nederland veroordeeld en naar Duitsland gevlucht. Daar waren ze veilig voor de Nederlandse justitie, want Duitsland leverde geen van hen uit. Tot Donners verzoek was Nederlandse juridische vervolging dus onmogelijk.
De Duitse regering ondersteunde de wens van Donner. Meerdere rechtbanken in Duitsland hebben zich over de mogelijkheid gebogen. Maar toch is het in geen van deze gevallen tot "tenuitvoerlegging" van de Nederlandse straffen gekomen.
Alleen Herbertus Bikker stond in 2003 in een nieuw proces voor de rechtbank in Hagen. Zijn hoge leeftijd en slechte gezondheid beëindigden het proces echter vroegtijdig. Hoogendam en Soetebier zijn ondertussen overleden. Daarmee komt een einde aan deze drie zaken.
Complicaties
Resten nog Faber, Bruins en Boere. De rechtbank in Ingolstadt heeft Donners verzoek in het geval Faber afgewezen. Hetzelfde deed de rechtbank in Hagen in het geval Bruins. Alleen de zaak Boere is formeel nog niet afgerond, maar het Openbaar Ministerie in Aken ziet vooral complicaties. In deze laatste drie zaken valt geen positieve reactie op het verzoek van de oud-minister meer te verwachten.
"De processen zijn praktisch beëindigd", zegt de Duitse officier van justitie Ulrich Maass, die speciaal is belast met de vervolging van oorlogsmisdadigers. "Het is moeilijk de Nederlandse vonnissen die destijds zijn uitgevaardigd, om te zetten in Duitse.
Gebrek aan materiaal speelt daarbij een rol, of het feit dat sommige mannen in Duitsland al eens gedeeltelijk zijn veroordeeld. Zo ontlopen ze dus toch hun straf. Dat is vooral bitter voor de slachtoffers. Die wil je - ook zestig jaar na dato - gerechtigheid bieden".
Deel deze pagina

»
»
»