In Irak is in december een recordaantal Iraakse burgers omgekomen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken in Bagdad zegt dat 1930 burgers zijn gedood bij politiek en religieus geweld.
Maar de Verenigde Naties zegt dat het getal met veel hoger ligt, zo zouden er in de maand oktober bijvoorbeeld 3700 doden zijn gevallen.
Dat is meer dan drie keer zoveel als in januari vorig jaar. Het totaal aantal doden van het afgelopen jaar is volgens het ministerie ruim 12.000.
Amerikanen
Ook voor het Amerikaanse leger werd eind december een tragisch dieptepunt bereikt. Toen was de 3000e gesneuvelde soldaat te betreuren in de strijd in Irak die nu bijna vier jaar duurt. In december kwamen 112 Amerikaanse soldaten om, het hoogste getal in één maand in de afgelopen twee jaar.
Dit nieuws komt aan de vooravond van het moment dat de Amerikaanse president Bush een nieuwe strategie bekendmaakt voor zijn troepen in Irak. Waarschijnlijk zal hij binnen enkele dagen zijn voornemen uitspreken om tijdelijk 15.000 tot 30.000 extra soldaten naar Irak te sturen.
Beteugelen
Bush wil daarmee het geweld in het land beteugelen, aangezien de situatie steeds meer op een burgeroorlog lijkt.
De strijd tussen sjiieten en soennieten eist elke maand meer slachtoffers. De politie vindt elke ochtend tientallen lijken in de straten van Bagdad. De meeste burgers zijn slachtoffer van gewapende milities.
Het Iraakse ministerie van Binnenlandse Zaken is terughoudend met de dodencijfers. De regering is gefrustreerd omdat deze er maar niet in slaagt om het geweld te stoppen door milities waarvan wordt gezegd dat ze loyaal zijn aan de regering.
Zo is volgens de Amerikanen het Mehdi-leger van de radicale sjiitische geestelijke Muqtada al-Sadr de grootste dreiging voor de veiligheid in Irak. Intussen heeft premier al-Maliki de steun van Sadrs politieke aanhang in het parlement hard nodig.
Deel deze pagina
»
»
»