Craig sterk als vernieuwde Bond

Door NOS-verslaggever Jeroen Wielaert

De naam is Craig, Daniel Craig. Hij is de nieuwe 007, de zesde acteur die de rol speelt van James Bond. Hij kreeg de rol na een lang en schimmig selectieproces voor de film 'Casino Royale'. 

Eén ding is nooit een geheim geweest voor deze agent: elke nieuwe speler heeft niet alleen af te rekenen met de grote griezel van zijn missie, maar moet ook opboksen tegen zijn voorgangers. Voor de verstokte fans was dat een reden om zich direct tegen Craig te keren na de bekendmaking dat hij de nieuwe opdracht kreeg.

Rolmodel

Sean Connery is als eerste in de rij voor heel veel liefhebbers het favoriete rolmodel gebleven. Hij wás Bond. Niemand wist hoe hij er echt uit zag. Dat wist alleen Ian Fleming, de schepper van de gentleman-killer en vrouwenverslinder die zijn cocktails geschud wilde hebben en niet geroerd. 

Connery vulde de rol zo goed in dat het bijna ondoenlijk was om hem weg te spelen. Het werd des te erger toen hij in 1983 in 'Never say Never Again' nog één keer terugkwam als een oudere, rijpere Bond, nadat hij in 1971 met 'Diamonds are Forever' afscheid had genomen van de rol die hij in 1962 voor het eerst speelde in 'Dr. No'. 

Die eenmalige come-back was zijn zevende rol als 007, een aantal dat alleen is geëvenaard door Roger Moore. De voormalige Ivanhoe deed het beslist knap, vooral als ironische gentleman.

Luxueuze borsten

Met Moore sloegen de verfilmingen een andere richting in, dwaalden ze steeds verder af van Flemings oorsprong. Een vast gegeven bleef dat Bond telkens de wereld moest redden en onderweg een spetter met luxueuze borsten tegenkwam waarmee hij – klus geklaard- op een mooi jacht naar de einder voer. 

De speeltjes werden steeds moderner, steeds meer high-tech en tegelijk verloren de films steeds meer aan ernst. James Bond werd ongeloofwaardig, om niet te zeggen belachelijk.

Op dat punt is het terugzien van de eerste Bond-films met Connery eigenlijk knap pijnlijk. De decors zijn aandoenlijk van kartonnen decoratie en het acteerwerk is houterig. De oer-Bond is beslist gedateerd. 

Het was Pierce Brosnan die een geheel nieuw soort Bond neerzette en met Daniel Craig is de wending compleet. Hij lijkt minder dan ooit op de agent van Fleming, maar hij is beslist wel een sterke Bond, alleen al in fysieke zin, want nimmer heeft 007 zo hard moeten knokken. De schmink heeft het reuze druk gehad met het bloederig toetakelen van Craig. 

In Casino Royale is de ernst volledig terug, precies zoals regisseur Martin Campbell dat wilde en met hem de producers/marketingmensen. Het ging puur om de overleving van het type Bond. Met Craig zijn ze daar goed in geslaagd. 

Meer karakter

Hij is veel minder gentleman dan zijn voorgangers, maar des te meer karakter en harde werker. Of zoals AD-criticus Ab Zagt vaststelde in het NOS Radio 1 Journaal: "Craig maakt een echte working-class hero van Bond".

Casino Royale is een harde film geworden met het verhaal van een jacht op miljoenen voor een internationaal terreurnetwerk. Dat geld moet uiteindelijk aan de Casinotafel worden verdiend en juist dáár zakt de film in, wordt het langdradig. Bond knapt het op, neemt ontslag en gaat op vakantie in Venetië met zijn Bondmeisje. 

Normaal is het dan afgelopen, maar nu volgt toch nog een wending vol harde verrassingen. Dan maakt Craig zich bekend als Bond, James Bond en is Sean Connery vergeten.

Casino Royale is vanaf volgende week te zien in de Nederlandse bioscopen. 



Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio