Na een slepende discussie heeft het Europees Parlement ingestemd met de zogeheten Dienstenrichtlijn van voormalig commissaris Frits Bolkestein.
De Dienstenrichtlijn houdt in dat er minder beperkingen zijn voor bedrijven die in andere EU-landen aan de slag willen. Maar Bolkestein en medestanders hebben geen reden om voluit te juichen, want de oorspronkelijke richtlijn is in de discussies van de afgelopen maanden sterk afgezwakt.
Ondernemers die in een ander land binnen de EU hun diensten aanbieden, moeten zich in tegenstelling tot de bedoeling van Bolkestein, voor een groot deel houden aan de regels van het land waarin ze actief zijn. Maar de lidstaten mogen geen onnodige eisen stellen, onder meer over waarborgsommen en diploma's.
Frankrijk
Tegen een grotere vrijheid voor buitenlandse bedrijven in de EU-landen is veel protest geweest van vakbonden en linkse politieke partijen. Vooral in Frankrijk waren er veel bezwaren.
Tegenstanders vrezen dat dienstverleners uit Polen of andere Oost-Europese lidstaten hun (duurdere) West-Europese collega's uit de markt drukken. Ook bestaat de angst dat het draagvlak voor sociale voorzieningen afneemt, als buitenlanders daar niet (volledig) aan bijdragen.
De betekenis van de richtlijn moet blijken door rechtszaken voor het Europees Hof van Justitie, meent Europarlementariër Toine Manders (VVD). Hij vindt het oorspronkelijke voorstel van Bolkestein beter dan de versie die vandaag is aangenomen.
Beperkt
De Europese werkgeversorganisatie Unice betreurt het dat de richtlijn zo beperkt is en dat er veel juridische onzekerheden zijn. "We moeten niet vergeten dat de dienstensector 70 procent van de Europese economie vertegenwoordigt", zegt Unice-topman Philippe de Buck.
Het CDA-Europalementslid Bert Doorn vindt het akkoord een goede zaak. Hij heeft er wel begrip voor dat werknemers de straat op zijn gegaan tegen de oorspronkelijke richtlijn.
De PvdA is blij dat de scherpe kantjes van de plannen van Bolkestein zijn verdwenen. "De Dienstenrichtlijn moet niet leiden tot ontduiking van sociale verplichtingen", zegt het sociaal-democratische parlementslid Ieke van den Burg. "Het is nu aan de Nederlandse regering om daar invulling aan te geven."
De richtlijn wordt in 2010 van kracht.
Deel deze pagina