Lengte en duur WW aangepast

Een werknemer die vanaf vandaag in de Werkloosheidswet (WW) belandt, krijgt met veel veranderingen te maken door de nieuwe WW-wetgeving. Een overzicht.

Wat zijn de belangrijkste veranderingen?

De belangrijkste veranderingen waarmee een werkloze werknemer per 1 oktober te maken krijgt, betreft de duur en de hoogte van de WW-uitkering.

Iedereen die in de WW belandt, krijgt in de eerste twee maanden 75 procent van het laatstverdiende loon uitgekeerd, en daarna 70 procent. Hoelang een werknemer recht heeft op zo'n loongerelateerde uitkering van 70 procent is afhankelijk van de duur van het arbeidsverleden. 

Als iemand minder dan vier jaar heeft gewerkt, maar meer dan 26 weken krijgt hij of zij drie maanden een uitkering van 70 procent over het laatstverdiende loon. Voor 1 oktober was dat nog 70 procent van het minimumloon gedurende een half jaar. 

Degene die aanspraak wil maken op een WW-uitkering langer dan drie maanden moet in minimaal vier van de laatste vijf kalenderjaren over minstens 52 dagen loon hebben ontvangen (jareneis). 

Voor de werknemer die aan deze jareneis voldoet, duurt de uitkering in maanden even lang als het arbeidsverleden in jaren. Tien jaar arbeidsverleden geeft bijvoorbeeld recht op tien maanden WW. 

Er zit wel een maximum aan de duur van de totale uitkering. Eerst kon iemand nog vijf jaar (60 maanden) aanspraak maken op de WW. Vanaf vandaag is dat verkort naar drie jaar en twee maanden (38 maanden ).

Alle veranderingen op een rijtje

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio