De Amerikaanse inlichtingendienst NSA moet ophouden met het afluisteren van burgers. Dat heeft een federale rechter besloten.
In 2001 gaf president Bush de NSA toestemming burgers af te luisteren zonder goedkeuring van de rechter. De rechter vindt dat Bush met dat besluit zijn bevoegdheden heeft overschreden.
Volgens de rechter is het afluisteren van burgers zonder tussenkomst van de rechter een aantasting van de vrijheid van meningsuiting en de privacy. Het zou ook in strijd met de grondwet zijn.
Bush vindt het afluisteren nodig bij de strijd tegen het terrorisme. Het Witte Huis gaat dan ook in beroep. Met goedkeuring van de rechter gaat het afluisteren vooralsnog gewoon door.
Onthulling
Het afluisterprogramma is in de VS erg omstreden, ook binnen delen van Bush' eigen Republikeinse partij. Het geheime programma werd vorig jaar onthuld door de New York Times, tot woede van het Witte Huis.
De zaak was aanhangig gemaakt door de Amerikaanse Unie van Burgerrechten, namens een groep wetenschappers, journalisten en advocaten die regelmatig in contact staan met mensen in het Midden-Oosten. Zij zijn bang dat hun telefoongesprekken en emails worden onderschept door de overheid.
Het is de tweede keer dat de rechter de regering-Bush op de vingers tikt. In juni oordeelde het Hooggerechtshof dat de militaire tribunalen voor de gevangenen op Guantanamo Bay onrechtmatig zijn.
Deel deze pagina