Corbijn verfilmt mythe Ian Curtis

Door Tim Overdiek

Aandachtig tuurt fotograaf Anton Corbijn naar de kleine monitor. Hij zit op de klassieke klapstoel, met daarop het woord director  (regisseur). Vond hij wat ongemakkelijk, die titel, dus liet hij ook het woord Simba op de stoel aanbrengen. Klinkt beter, zegt de debuterend speelfilmmaker. Simba, Koning van de Jungle. Beetje zelfspot bevalt hem wel.

 

De beroemde fotograaf gaat een stapje verder. Kijkt guitig in mijn camera, die hem een dagje op lokatie volgt, en roept melodramatisch: "Actie!" Corbijn slaat zichzelf grijnzend op de schouder voor zijn, naar eigen zeggen, waardeloze acteertalent. En kijkt weer gespannen naar het tv'tje. Actie, er moet een speelfilm worden gemaakt.

 

Het draaien zit er bijna op. Zeven weken in totaal, iedere dag van 's morgens acht tot 's avonds acht. Een film over het korte leven van Joy Division-zanger Ian Curtis, die in 1980 op 23-jarige leeftijd zelfmoord pleegde. Het is meer dan een professionele uitdaging. Voor de muziek van Joy Division emigreerde Corbijn in '79 naar Londen.

 

Logisch vervolg

Corbijn (51) vindt het lastig om diepgravend over zijn film te praten. Hij zit er middenin, en omdat het slopende montagewerk nog moet beginnen, is het eigenlijk te vroeg om exact aan te geven hoe zijn nieuwe creatie eruit gaat zien. Zo tijdrovend is het, zo energieverslindend. "Je ademt het, dag in, dag uit. Heel anders dan mijn fotowerk."

 

De speelfilm heet Control, wat je ook van de Nederlandse regisseur kunt zeggen. Hij heeft oog voor ieder detail, zegt Sam Riley, die in de film Ian Curtis speelt. "Elk fragment heeft Anton uitgetekend. Hij weet precies hoe hij het wil hebben, en dat zie je ook terug in zijn andere werk." Ook voor Riley is het zijn debuut. "Anton en ik zijn maagd."

 

Riley is een (nog) onbekende acteur, waar Corbijn een kunstenaar van internationale faam is. Hij maakte naam als popfotograaf, maar breidde zijn portfolio uit met muziekvideo's en concertpodia. In 1993 maakte hij al eens een korte film, maar Control kun je zien als zijn echte produktie op het grote scherm. "Een logisch vervolg", zegt Corbijn zelf.

Hij heeft ook een financieel belang in het project. De helft van het budget (4,5 miljoen euro) betaalt Corbijn uit eigen zak. Ook daarmee behoudt hij creatieve controle. De toewijding is totaal. "Als ik ooit maar een enkele film maak, dan ben ik blij dat het deze is geworden." Joy Division en in het bijzonder Ian Curtis zijn een soort levenswerk.

 

De muziek is tijdloos, en was eind jaren zeventig het nieuwe geluid uit Manchester. Inspiratiebron voor Corbijn, die naar Midden-Engeland vloog en de band fotografeerde, maar ook en vooral voor veel opkomende groepen. "En die invloed is ook vandaag de dag nog merkbaar. Die wordt alleen maar sterker." De film komt zeker niet te laat.

De filmset is opgetrokken in een pakhuis in Nottingham. Hier vind je nog de sfeer van Manchester uit die tijd, zegt Corbijn. Bovendien zijn de montage- en studio-faciliteiten er stukken beter en goedkoper. Hij heeft ook gefilmd in Macclesfield, het stadje waar Curtis opgroeide, en waar hij uiteindelijk zelfmoord pleegde. Hij verhing zich.

 

Zwart-wit

De film gaat over de innerlijke strijd die Curtis voerde. Depressieve buien, epileptische aanvallen, persoonlijke problemen, drugsgebruik, en een grenzeloze obsessie met een vroegtijdige dood zijn de ingrediënten van diens typerende rock-leven. Curtis werd slechts 23 jaar. Corbijn zal hem niet groter maken dan hij was. De mythe is groot genoeg.

 

Mede om die reden draait hij in zwart-wit. Dat heeft te maken met de tijdsgeest, legt hij uit. "Joy Division was nog niet helemaal doorgebroken. Muziekbladen in die jaren drukten alleen kleurenfoto's af als je een hit had gescoord. De rest moest het doen met zwart-wit." Kwestie van gevoel, wat past bij Corbijn. De film verschijnt in het voorjaar van 2007.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio