De hoogste Israëlische militair, Dan Halutz, is in opspraak geraakt. Op de dag dat Hezbollah twee Israëlische militairen ontvoerde, verkocht de generaal-majoor een groot aandelenpakket.
De krant Ma'ariv onthulde dat Halutz het aandelenpakket, ter waarde van 26.000 dollar, verkocht drie uur nadat de militairen waren ontvoerd. De koersen op de toch al gespannen beurs van Tel Aviv waren op dat moment stevig aan het dalen.
Halutz heeft ontkend dat de verkoop van de aandelen op 12 juli iets met de nakende oorlog te maken had. "Op dat moment dacht ik niet dat het oorlog zou worden", rechtvaardigde Halutz zijn transactie. Hij is daarbij naar eigen zeggen 5400 dollar kwijtgeraakt.
Geen genoegen
Maar met Halutz' verklaring lijkt niemand genoegen te nemen. Een groot aantal hoge legerofficieren heeft al het vertrouwen in de generaal-majoor opgezegd. Ze willen dat hij opstapt zodra de Israëlische troepen Libanon hebben verlaten.
Ook in de Knesset, het Israëlische parlement, klinken kritische geluiden. "Het land lag onder vuur en het enige dat voor hem belangrijk was, was zijn aandelenportefeuille," zei een parlementslid van de regerende Arbeidspartij.
Halutz ligt overigens al langer onder vuur wegens de afhandeling van de oorlog met Hezbollah. Veel Israëliërs vinden dat Halutz dat niet goed heeft gedaan. Zo zijn de twee ontvoerde militairen nog altijd niet vrij.
Publieke opinie
Maar niet alleen de legerleiding heeft het zwaar te verduren in de publieke opinie. De waarderingscijfers van premier Olmert en minister Peretz van Defensie daalden scherp in de tweede helft van de oorlog.
Toen werd duidelijk dat Hezbollah meer slagkracht had dan werd gedacht. De kritiek nam nog verder toe toen duidelijk werd dat Israël zijn doelen niet zou halen.
Deel deze pagina