De aanhoudende droogte en hitte begint de agrarische sector lelijk op te breken. Een rampoogst dreigt nu Nederland dit jaar al twee keer onder een hittegolf heeft moeten zuchten en de verlossende buien uitblijven.
Volgens Aike Maarsingh, de landelijke voorzitter van de werkgroep akkerbouw van de Landelijke Tuinbouw Organisatie (LTO), is de situatie voor de boeren nog nooit zo rampzalig geweest. Zelfs in de extreem hete zomers van 1947 en 1976 was de nood niet zo hoog als nu.
Een opsomming van de problemen bij de oogst:
Minder korrelgroei
- Het graan is nu al rijp, maar met veel minder korrelgroei. Twee tot drie weken vroeger dan normaal wordt er al volop geoogst, maar met een veel lagere opbrengst. De verwachting is dat de oogst uiteindelijk 25 procent lager uit zal vallen.
- Aardappelen, voor veel boeren het hoofdgewas, gaan boven de 30 graden kapot. De sector houdt er rekening mee dat 20 tot 30 procent van de aardappelen verloren gaan. Door de schaarste zal de consument meer moeten gaan betalen.
Ook het patatje in de snackbar wordt duurder. De frietindustrie krijgt te weinig aardappelen aangeleverd.
- De suikerbieten staan te verdorren: de oogst zal zeker 10 procent minder zijn. Het mais groeit niet meer en staat in het veld zwart te worden.
- Melkkoeien kunnen heel slecht tegen het warme weer. De dieren worden trager, eten nauwelijks en geven minder melk. Daar komt nog bij dat het gras niet meer groeit, waardoor de boeren de wintervoorraad voer al moeten aanspreken.
Voor de boeren blijft het wachten op 'de zegen van boven', in de vorm van hevige, verfrissende buien. Alternatieven zijn er ook steeds minder: in zeven waterschappen is een verbod van beregenen van kracht. Daar mogen de boeren geen water uit de sloten halen om hun gewassen te besproeien.
Deel deze pagina
