Al meer dan tien jaar staat Sjamil Basajev in Rusland te boek als terrorist nummer één.
Hij was het brein achter drieste en bloedige gijzeldrama's, zoals dat in het Zuid-Russische stadje Boedjonnovsk in 1995, in een Moskous musicaltheater in 2002 en nog eens twee jaar later in school nummer 1 in Beslan. Hij was vliegtuigkaper en orkestreerde gewelddadige raids op verschillende steden in de Kaukasus. Hij gaf opdracht tot bomaanslagen in de Moskouse metro waarbij tientallen doden vielen.
Basajev heeft één been, het ander verloor hij toen hij bij het verlaten van de belegerde Tsjetsjeense hoofdstad Grozny op een mijn liep. Bij tijd en wijle laat Basajev tartend zijn gezicht zien in de Russische noordelijke Kaukasus, die vergeven is van Russische troepen en informanten. Maar terrorist nummer één blijft vooralsnog, zelfs op Russische bodem, ongrijpbaar. En dat steekt.
Beloning
Wat in eigen land vooralsnog niet is gelukt willen de Russen nu in het buitenland proberen. In Irak welteverstaan.
President Poetin heeft de gruwelijke moord op vier Russische diplomaten in dat land (van wie de lichamen nog altijd niet zijn gevonden) aangegrepen om zijn eigen volmachten uit te breiden. Hij wil het recht hebben ook buiten Rusland de strijdkrachten en veiligheidsdiensten in te zetten tegen terroristen.
Beide kamers van het parlement hebben zijn voorstel bliksemsnel en unaniem van een fiat voorzien, waardoor Poetin nu de handen vrij heeft een geheime missie naar Irak te sturen. Volgens de Russische president moeten de moordenaars worden "opgespoord en uit de weg geruimd".
Tijdens een onderhoud met de Saudische prins Salman ben Abdel Aziz vroeg Poetin om informatie die de Russen kan helpen de daders te vinden. De Russen hebben daarvoor tien miljoen dollar uitgeloofd.
Volgens het dagblad Izvestija is een topgeheime eenheid van de buitenlandse inlichtingendienst inmiddels belast met de operatie in Irak. De dienst weigert, uiteraard, ieder commentaar.
Zwak
Poetins grote voorbeeld is de voormalige Israelische premier Golda Meir, die na de gijzeling van het Israelische Olympische team door Palestijnse terroristen in september 1972 de Mossad opdracht gaf alle daders op te sporen en onschadelijk te maken.
Rusland kan daarbij niet achterblijven, want, zei een veteraan van de Russische veiligheidsdienst tegen het persbureau Interfax: "Een land dat zijn eigen burgers niet kan beschermen is een zwak land".
En een zwak land wil de huidige voorzitter van de G8 onder geen beding worden genoemd.
Prooi
Echt nieuw zijn de uitgebreide volmachten van president Poetin overigens niet. Twee jaar geleden al bliezen Russische agenten in Qatar Zelimchan Jandarbijev op, een voormalig vice-president van de Tsjetsjeense rebellen.
Dat viel in Qatar in verkeerde aarde. De agenten werden gearresteerd en tot levenslang veroordeeld, maar later uitgeleverd aan Rusland om daar hun straf uit te zitten. Sindsdien zijn ze spoorloos.
Jandarbijev vinden was niet moeilijk: hij was als vluchteling te gast in Qatar en hield zich niet schuil.
De moordenaars van de Russische diplomaten zijn een beduidend minder makkelijke prooi. De Amerikanen, in Irak vele ervaringen rijker en illusies armer, kunnen daarover meepraten.
Deel deze pagina
»
»
»