De eerste groep van honderd militairen van de Nederlandse hoofdmacht is naar de Afghaanse provincie Uruzgan vertrokken. Vanaf vliegbasis Eindhoven werden de militairen uitgezwaaid van het 12de infanteriebataljon van de luchtmobiele brigade uit Schaarsbergen.
In Eindhoven zei minister Kamp van Defensie zich bewust te zijn van de gevaren die de militairen lopen in Uruzgan. "Ik laat ze niet met een gerust hart gaan."
Kamp wees erop dat Defensie er alles aan doet om de risico's te beperken. "Als je ziet hoe het tot dusverre is gegaan met de opbouw van de kampen in Tarin Kowt en Deh Rawod en de konvooien, dan hebben we de zaken nog steeds in de hand."
Haagse perikelen
De minister maakte zich niet druk over de Haagse perikelen die de missie mogelijk zouden kunnen schaden. "Ik laat me daar niet door afleiden en kan mijn werk goed blijven doen."
Bij het vertrek van de militairen waren behalve familie en vrienden ook drie veteranen aanwezig uit de Korea-oorlog. De mannen van het eerste uur van het Van Heutzregiment toonden zich trots.
"Het is een hele zinvolle missie, die Taliban moet worden afgestopt," zei kolonel b.d. Len Schreuders. "Zij zullen risico's lopen, maar ze weten dat. Zij zullen niet in de put raken als er iemand sneuvelt. Doe je dat wel dan ben je als militair niet geschikt voor je opdracht", aldus Schreuders, die zelf een jaar als compagniescommandant in Korea heeft gediend.
Onder vuur
De Nederlanders gaan via Kabul naar Kandahar. Daar blijven ze twee weken om te acclimatiseren en hun wapens in te schieten.
In Uruzgan zijn al zo'n vierhonderd Nederlandse militairen actief. Zij bouwen de kampementen op en voeren verkenningen uit.
De Nederlanders zijn de afgelopen weken regelmatig onder vuur genomen door Taliban-strijders. Die zijn bezig aan een offensief, waarbij in drie maanden tijd enkele honderden strijders gedood zijn door de coalitietroepen.
De Nederlanders maken deel uit van de ISAF-missie die op 1 augustus begint.

»
»
»