Politie en justitie maken met een nieuw team een 'doorstart' in het onderzoek naar de Puttense moordzaak. Er is nieuwe informatie naar boven gekomen, maar er zijn nog geen nieuwe verdachten.
De zaak draait om de verkrachting van en de moord op de 23-jarige Christel Ambrosius in 1994. Twee mannen, Herman du Bois en Wilco Viets, werden onterecht tot tien jaar cel veroordeeld voor de moord.
In 2002, toen ze er al tweederde van hun straf op hadden zitten, werden ze vrijgesproken omdat er twijfels waren gerezen over hun betrokkenheid. Viets en Du Bois kregen ieder een schadevergoeding toegewezen van ruim 900.000 euro.
Verklaringen
Na de vrijspraak van de twee mannen werd opnieuw informatie verzameld. Sinds die tijd zijn meer dan 3000 verklaringen opgenomen en er is bij 1780 mensen dna afgenomen. Ook zijn er na een uitzending van Opsporing Verzocht tientallen tips binnengekomen.
Het nieuwe team onderzoekt de informatie die recent is binnengekomen, maar neemt ook het oude onderzoek onder de loep. Verder wordt bekeken of er gezien de huidige stand van de wetgeving, de wetenschap en de techniek aanvullende onderzoekshandelingen moeten worden gedaan.
De inspanningen hebben tot nu toe geen duidelijk resultaat opgeleverd, maar geven justitie voldoende reden om met het onderzoek door te gaan.
Op zondag 9 januari 1994 verliet stewardess Christel Ambrosius op de mountainbike haar ouderlijk huis in het centrum van Putten. Ze wilde haar oma bezoeken die aan de rand van het Veluwse dorp woonde. Daar aangekomen, rond 16.00 uur, bleek het huis leeg te zijn; haar oma was op bezoek bij een zieke kennis.
Toen haar oma om ongeveer 18.00 uur thuiskwam, trof ze haar kleindochter dood aan in de woonkamer. Christel was verkracht, gewurgd en haar keel was doorgesneden. Op haar been werden een spermadruppel gevonden en twee haren.
Groene Mercedes
Viets en Du Bois kwamen in beeld, omdat zij ieder weekeinde in een oude groene Mercedes een ritje maakten in de bossen rond Putten, samen met twee vrienden. Omdat een aantal wandelaars meldde dat er op de middag van de moord een Mercedes stapvoets door het bos reed, ging de politie ervan uit dat het viertal iets met de moord te maken had.
Er werd gesteld dat Viets en Du Bois samen met Christel het huis binnengingen om haar daar vervolgens te verkrachten en te vermoorden. De twee vrienden zouden zich eerder uit de voeten hebben gemaakt.
Dna-onderzoek van de spermadruppel die op het lichaam van het slachtoffer was gevonden, pleitte Viets en Du Bois vrij, maar justitie hield er een verrassende theorie op na: het sperma was afkomstig van een veel eerder seksueel contact van Christel met een vriendje. Zijn sperma zou in Christels lichaam zijn gebleven en tijdens de verkrachting door Viets en Du Bois naar buiten zijn gesleept en als een druppel op haar been zijn achtergebleven.
Hoewel het verhaal zeer ongeloofwaardig overkwam en het 'vriendje' nooit werd gevonden, geloofde de rechter het verhaal waardoor het tweetal achter de tralies verdween.
Aanvullende onderzoeken
Misdaadverslaggever Peter R. de Vries en oud-hoofdcommissaris Jan Blaauw uit Rotterdam trokken de zogenaamde 'sleeptheorie' sterk in twijfel en zorgden ervoor dat er aanvullende onderzoeken werden uitgevoerd. Zoals een dna-onderzoek naar de haren op Christels been.
De uitslag daarvan betekende de nekslag voor de sleeptheorie: de haren bleken afkomstig van dezelfde onbekende man van wie de spermadruppel was. Dat die haren tot na de moord op Christels been waren blijven zitten, was onmogelijk. Dat beaamde ook het gerechtshof in Leeuwarden, dat de zaak moest overdoen.
Op 24 april 2002 kregen Wilco Viets en Herman du Bois op alle fronten eerherstel: hun betrokkenheid bij de moord op Christel Ambrosius werd niet bewezen geacht.
De zaak staat nu bekend als één van de grootste rechterlijke dwalingen uit de Nederlandse geschiedenis.
Deel deze pagina
»
»
»