Veel landen in Latijns-Amerika hebben de afgelopen jaren een ruk naar links hebben gemaakt, maar Colombia volgt een andere koers. De conservatieve president Alvaro Uribe is met ruime cijfers herkozen.
Uribe had met een absolute meerderheid van 62 procent van de stemmen geen tweede ronde nodig voor de overwinning. Zijn rivaal, de socialist Carlos Gaviria, bleef steken op 22 procent.
Dat de Colombianen Uribe vier jaar extra geven heeft veel te maken met de veiligheidssituatie. De afgelopen vier jaar is de criminaliteit verminderd en de economie gegroeid. Uribe hamerde er in de campagne steeds op dat één termijn niet genoeg was om het geweld en de criminaliteit in het land te beteugelen.
FARC
Het land wordt al tientallen jaren geteisterd door geweld van radicale groeperingen, zowel van de linkse gurelillabewegingen FARC en ELN als de rechtse paramilitaire organisatie AUC. De gewapende strijd heeft de afgelopen veertig jaar meer dan 100.000 levens gekost.
Uribe heeft de 3000 leden van de AUC zover gekregen dat ze de wapens hebben ingeleverd en het is hem ook gelukt de ELN om de tafel te krijgen voor vredesoverleg. Een vredesakkoord is echter nog niet in zicht en de ELN is ook veel kleiner dan de 17.000 leden tellende FARC.
Uribe heeft de militaire druk op de FARC flink opgevoerd en de opstandelingen de jungle in laten drijven, maar hij is er nog niet in geslaagd de guerillabeweging op de knieën te krijgen. Oproepen tot vredesoverleg leveren niets op.
De kopstukken van de FARC zeggen niets te verwachten van een president die nauwe banden met het Witte Huis heeft. Met een reeks aanslagen in de aanloop naar de verkiezingen maakten de rebellen duidelijk dat ze nog lang niet zijn uitgeschakeld.
Drugshandel
Uribe werkt, in tegenstelling tot fel anti-Amerikaanse leiders als Chavez in Venezuela en Morales in Bolivia, nauw samen met de regering Bush in de strijd tegen de drugskartels en de FARC.
Maar het bestrijden van de cocaïneteelt is bijna onbegonnen werk. De regering heeft twintig vliegtuigen ingezet om cocaïneplantages te vernietigen, maar desondanks is het aantal cocaplantages in 2005 met een kwart toegenomen vergeleken met een jaar eerder.
De president wacht dus waarschijnlijk een zware tweede termijn. Hij moet zijn belofte zien waar te maken dat hij met zowel de linkse guerilla als de drugshandel afrekent.
Deel deze pagina