De paardensport mag in Nederland nooit de omvang hebben gekregen die het bij de goklustige Britten en Fransen heeft, de rijke historie van Duindigt is er niet minder om. De Wassenaarse renbaan bestaat 100 jaar, en viert dit weekend een bescheiden feestje.
Eigenlijk gaat de curieuze geschiedenis van de rensport in Den Haag veel verder terug. Al in 1880 zijn er paardenrennen in Den Haag, maar die vinden plaats op het renbaan in park Clingendael. In 1906 verhuist de baan noodgedwongen naar landgoed Duindigt in Wassenaar; de oude moet wijken voor een spoorlijn.
Met de nieuwe locatie verandert ook de samenstelling van het publiek. Tot 1906 was alleen de adel welkom, op uitnodiging, maar op 19 mei 1906 mag voor het eerst ook het gewone volk gokken op de uitslag.
V1's en voedselpakketten
Maar lang profiteren de liefhebbers er niet van. In 1911 verbiedt de overheid het wedden op paarden, en de sport raakt volledig in het slop. Dat blijft zo tot de Duitse bezetting. In 1940 staat Reichskommissar Seyss Inquart het gokken weer toe - ter vermaak van de Duitse elite - en tijdens de oorlogsjaren wordt het wedden ongekend populair. In 1944 wordt in totaal het voor die tijd onwaarschijnlijke bedrag van bijna 20 miljoen gulden (zo'n 9 miljoen euro) ingezet op de races.
Maar 1944 is ook het jaar van de hongerwinter - en vanuit Den Haag worden V1's en V2's afgevuur op Groot-Brittannië. Die V1's staan gestationeerd op Duindigt en om die reden besluiten de geallieerden de renbaan te bombarderen. Maar de piloten vergissen zich en schieten in plaats van de V1's de Haagse wijk Bezuidenhout in puin. De voedseldroppings die op ook op de renbaan moeten neerkomen, bereiken hun doel gelukkig wel.
Na de oorlog legaliseert de regering het wedden in 1949 officieel en beleeft de sport zijn hoogtijdagen. Vooral in de jaren zestig en zeventig, als iedereen de namen kent van de paarden Henri en Jojo Buitenzorg.
Krasloten
Maar in 1986 slaat het noodlot opnieuw toe. In 1986 brandt Duindigt af. De renbaan wordt weer opgebouwd, maar de gloriedagen zijn dan al voorbij. De rennen kunnen niet meer concurreren met de vele loterijen die ons land dan al telt. "Voeger had je alleen de paardensport en de voetbaltoto", zegt Arnold Mollema, een van de paardenmenners ofwel pikeurs op Duindigt. "Nu kun je op elke straathoek krasloten kopen."
Een reddingsplan moet in 1995 het tij keren. Er moet een conferentieruimte bij, en een hotel. Maar het plan komt niet van de grond en pas in 2005 ziet de renbaan de inkomsten weer een beetje toenemen. Dat is te danken aan een wetswijziging waardoor vanuit Nederland nu ook op de races in Ascot , Vincennes en Longchamps kan worden gewed.
Maar of het genoeg is voor het voortbestaan van de historische baan is de vraag. Veel trainers en paardeneigenaren vinden het al een wonder dat Duindigt de honderd jaar heeft gehaald.
Er liggen wel nieuwe plannen voor een automatenhal en seminars op de tribunes, maar het echte geld moet toch van de weddenschappen komen. Als mensen doorhebben dat gokken op paarden lucratiever kan zijn dan het casino, zegt Mollema, dan moet het goed komen. "Want als je een paard een beetje volgt, weet je wat hij kan. Of niet."
Deel deze pagina
