Apetrots op de Arctic Monkeys



De diskjockey had nog nooit van ze gehoord. Maar keer op keer bleven ze hem bestoken met verzoeken om de Arctic Monkeys te draaien. Rupert Dell deed wat een beetje muziekfan tegenwoordig doet: hij bezocht de website, luisterde naar wat nummers en sindsdien zijn de Arctic Monkeys in nachtclub The Leadmill vaste muziekprik.

 

Rupert vertelt de anekdote met smaak. De Arctic Monkeys zijn allang veel te groot voor The Leadmill, hebben er vijf keer gespeeld en komen af en toe even langs om oude vrienden te begroeten. Hier ook ligt de oorsprong van hun grote hit 'I Bet You Look Good On The Dancefloor'. De muziek is door en door Sheffields. Wat dat ook moge zijn.

Wat The Beatles waren voor Liverpool, en The Happy Mondays voor Manchester, zijn de Arctic Monkeys voor deze grauwe industriestad in Midden-Engeland. Hier zijn de restanten van een lang vervlogen staal-historie zichtbaar. Maar de rauwe gitaardreunen van de jonge band geven Sheffield een nieuwe, internationale reputatie.

 

Danielle Grace Williams straalt bij de gedachte aan haar plaatselijke helden. "Lekker vet Yorkshire-accent. Zingen over dingen die we hier meemaken. Elke keer als ik luister naar de Arctic Monkeys, herken ik situaties uit Sheffield", zegt de negentienjarige muziek-studente die, net als haar leeftijdgenoten, de muziek via internet heeft leren kennen.

 

Inspirerend

Ze studeert muziek aan hetzelfde College waar zanger Alex Turner en drummer Matt Helders ooit enkele semesters doorbrachten. In een klein kamertje oefent Danielle met haar band, drie medestudenten. Een naam heeft haar groep nog niet, maar alle vier dromen ze van het succes dat de Arctic Monkeys nu wereldwijd genieten. 

Ze is apetrots. "Hun muziek werkt heel inspirerend. Ze komen bij ons uit de buurt, dus als zij het kunnen, kan iedereen." Dat bedoelt ze niet denigrerend, want hoe simpel de muziek misschien ook klinkt, dat is juist zo moeilijk. Aanstekelijk, dat is het juiste woord, zegt Danielle. "Je wilt meteen meedansen. Meezingen. Het raakt je meteen in je ziel."

 

Op een recente zaterdagavond, iets buiten Sheffield, vormt zich een lange rij met Monkeys-fans bij de ingang van een enorme staalfabriek die is omgebouwd tot muziekcentrum. Hier spelen de Arctic Monkeys een thuiswedstrijd, als onderdeel van een Europese toernee, die hen zondagavond in het Amsterdamse Paradiso bracht.

 

De concertgangers voelen zich bevoorrecht. Het is tegenwoordig een lastige klus om een kaartje te bemachtigen. Binnen enkele minuten zijn de meeste optredens uitverkocht. Een korte rondvraag langs de wachtende rij bevestigt de internetreputatie van de band. De meerderheid koopt muziek, kletst over muziek en luistert naar muziek via het web.

 

Vliegende start

Media en muziekindustrie proberen het internetsucces van de Arctic Monkeys te verklaren. Was het een sluwe marketingstrategie om de band via hun website te promoten? Is het een gekunstelde verkooptactiek? De bandleden zelf geven geen interviews meer, moe als ze zijn van het internetgewauwel. En geef ze ongelijk.

 

Wie luistert naar de muziek of, vele malen beter vanzelfsprekend, een concert bezoekt, weet dat er meer is dan een ongekende internet-hype. Dit is een steengoede band, fris, ongepolijst, met poetische teksten die het dagelijks leven van die internet-generatie treffend vangen. De Arctic Monkeys hebben een veelbelovende toekomst.

 

Het viertal heeft een vliegende start achter de rug, en zijn door record brekende verkoopcijfers The Beatles voorbijgestreefd. Is die vergelijking terecht? Niet helemaal, zegt diskjockey Rupert. "Ik verwacht niet dat ze, net als The Beatles, een nieuw soort muziek zullen maken." Dan grijnst hij. "Hoewel, dat zou wel goed zijn voor Sheffield."

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio