De scholiere Taïda Pasic legt zich niet neer bij de beslissing van minister Verdonk om haar uit te wijzen. Haar advocaat is in beroep gegaan en wil ook afdwingen dat Pasic de beslissing in Nederland mag afwachten.
Minister Verdonk maakte gisteren bekend dat het 18-jarige meisje uit Kosovo niet haar school in Nederland mag afmaken.
Pasic ging vorig jaar met haar ouders terug naar Kosovo, maar keerde weer terug om haar vwo-diploma in Nederland te behalen. Klasgenoten hebben actiegevoerd om Pasic in Nederland te houden, maar minister Verdonk was onverbiddelijk.
Verdonk vindt dat het meisje op diverse manieren oneigenlijk gebruik heeft gemaakt van de aanvraag rond de verblijfsvergunning. Haar familie vertrok vorig jaar met een vertrekpremie van 7000 euro, maar het meisje kwam via een omweg weer terug in Nederland.
IND
Daarop vroeg ze tot twee keer toe vergeefs een voorlopige verblijfsvergunning bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). Zonder dat papier kan ze geen vwo-examen doen.
De rechtbank in Amsterdam bepaalde dat de IND haar verzoek opnieuw tegen het licht moest houden. Daarop heeft de IND een nieuw gesprek met het meisje gehad, waarna minister Verdonk een besluit moest nemen. Die verklaarde gisteren het bezwaar ongegrond.
Uit een peiling van Maurice de Hond blijkt dat de Nederlanders sterk verdeeld zijn over de kwestie. Vijftig procent steunt het beleid van Verdonk; 45 procent vindt dat Pasic hier voorlopig mag blijven.
Deel deze pagina