Door Ron Linker
Tot nu toe zijn de spotprenten van de profeet Mohammed niet gepubliceerd in de grote Amerikaanse media. CNN, de Washington Post en de New York Times bijvoorbeeld, hebben zich terughoudend opgesteld en de Deense cartoons niet overgenomen.
De Post schrijft in het commentaar dat de Deense afbeeldingen van Mohammed vulgair en beledigend zijn. CNN heeft als beleid dat er bericht moet worden over de effecten van plaatsing, het netwerk wil geen olie op het vuur gooien door de cartoons te laten zien. Gevolg is dat je volgens een collega hier pas na "stevig googlen" de afbeeldingen kunt bekijken.
Op straat ook geen grote protesten, brandbommen of stenen. Bij de Deense ambassade wappert de vlag nog fier. De Raad voor Amerikaans-islamitische verhoudingen, CAIR, neemt zelfs openlijk afstand van de gewelddadige demonstraties wereldwijd. "Omdat Amerikaanse kranten verstandig en respectvol hebben gehandeld, is er geen woede-uitbarsting geweest onder Amerikaanse moslims", zegt Ibrahim Hooper van CAIR.
Overbodig
De Washington Post vindt het plaatsen van de afbeeldingen overbodig in landen waar het recht op vrije meningsuiting niet op het spel staat. Volgens de krant is de herdruk van de prent in talloze Europese landen onnodig kwetsend.
"Door de plaatjes opnieuw af te drukken, toonden de kranten niet hun liefde voor vrije meningsuiting, maar hun ongevoeligheid of vijandigheid voor de toenemende diversiteit van hun samenlevingen", schrijft de commentator van Washington Post.
Toch is de houding van kranten zoals de Post niet onomstreden. Lezers maken zich in ingezonden brieven boos omdat ze vinden dat hun een eigen oordeel over het nieuws wordt onthouden. Nieuws is nieuws, en een adagium in de journalistiek is: "Don't tell them, show them!" (Niet beschrijven, maar tonen!). Voorlopig laten de Amerikaanse media het nog bij een beschrijving van de tekening.
Contrast
De rust in de Amerikaanse straten staat in schril contrast tot de activiteit in de Amerikaanse politiek. De regering keurt het plaatsen van de spotprent af, maar ook de gewelddadige demonstraties die erop volgden. President Bush en minister Rice van Buitenlandse Zaken zien de hand van Syrië en Iran in de wereldwijde protesten.
Dat is misschien waar, maar het past natuurlijk ook prima in de mondiale strijd tegen terreur waarbij beide landen door Amerika onder 'De As van Het Kwaad' zijn geschaard.
Deel deze pagina