In het noordwesten van Pakistan zijn bij een zelfmoordaanslag op Sjiieten zeker 27 doden en zo'n vijftig gewonden gevallen. Iemand blies zich op in een mensenmenigte. Die had zich voor een processie verzameld op een marktplein.
Na de aanslag staken woedende sjiieten auto's, winkels en een bank in brand in Hanu, zo'n 200 kilometer ten noordwesten van de hoofdstad Islamabad. Een markt in de stad werd grotendeels vernield.
De sjiieten waren bij elkaar voor Ashura, de jaarlijkse dag ter ere van Husayn Ibn Ali - de kleinzoon van Mohammed die de sjiieten als de rechtmatige opvolger van de profeet beschouwen.
In de Afghaanse stad Herat verliep het begin van de Ashura-viering eveneens gewelddadig. Bij een botsing tussen honderden Soennieten en Sjieten vielen twee doden en veertig gewonden. Auto's en moskeeën werden in brand gestoken.
Libanon
Ook in Libanon vindt een grote Ashura-ceremonie plaats. Een half miljoen Libanezen ging de straat op in Beiroet. Daar veranderde de bijeenkomst echter in een vreedzaam protest tegen de omstreden Deense cartoons. Zondag liep een protest in Beiroet uit de hand. De Deense ambassade werd in brand gestoken en een winkels werde met stenen bekogeld.
In de Iraakse stad Kerbala verzamelen zich eveneens tienduizenden moslims. In de stad staat de tombe van Hussayn Ibn Ali. Onder het bewind van Saddam Hussein mochten de sjieten het festival niet houden, maar sinds 2003 is de plaats een bedevaartsoord voor sjiieten.
Deel deze pagina