Angola's permanente staat van Confusão

Correspondent Bram Vermeulen reisde door Angola, waar  deze maand precies vier jaar geleden abrupt een einde aan de oorlog kwam, en trof een natie in verwarring.

Het achtervolgde me, twee weken lang. Het achtervolgde me in de hoofdstad van Angola, Luanda, waar zeshonderd daklozen probeerden uit te leggen waarom de regering hun huizen zonder waarschuwing met de grond gelijk had gemaakt. 

Het achtervolgde me op het platteland, waar de hongerige boeren niet konden boeren vanwege de landmijnen in hun achtertuin. Het achtervolgde me in Huambo, de stad in de hooglanden die nog altijd is verminkt door de kogels en mortiergranaten. Het achtervolgde me zelfs achter op de bromfiets, toen tegen het vallen van de avond tientallen malariamuggen de chauffeur het zicht op de weg ontnamen. " Muito confusão", gilde hij. 

Steeds weer gebruikten de Angolezen datzelfde woord om hun lot te verklaren. Confusão betekent meer dan alleen verwarring, las ik in Another Day of Life, van de Poolse schrijver Ryszard Kapuscinski. Confusão is een warboel, wanorde, anarchie, diefstal, dood, een staat van absolute desoriëntatie. Dat is de staat van Angola, waar de oorlog deze maand precies vier jaar geleden abrupt tot stilstand kwam. 

Koude oorlog

Die oorlog was Angola's ultieme staat van verwarring. Die oorlog brak uit toen de Portugezen zich hier in 1975 uit de voeten maakten, na het land vierhonderd jaar lang te hebben leeggeroofd van slaven en natuurlijke hulpbronnen. 

Die oorlog was aanvankelijk een koude oorlog. De marxisten van de huidige MPLA-regering, gesteund door de Russen en de Cubanen, vochten tegen de vrije-markt-rebellen van Unita, gesteund door Amerika en racistisch Zuid-Afrika. 

Die oorlog werd, zeker na de val van de muur en de korte wapenstilstand in 1992, uiteindelijk een gevecht zonder ideologie, een gevecht om de olie, de diamanten en de macht. 

Die oorlog eindigde plots op 22 februari 2002, toen de leider van Unita, Jonas Savimbi, werd vermoord door het Angolese leger, naar verluidt met hulp van de Israëlische veiligheidsdienst hoewel dat officieel nooit is bevestigd. 

Bestreden

Confusão is de uitleg die Angolezen geven als je ze vraagt hoe het mogelijk is dat de regering van president José Eduardo Dos Santos die ooit door de Amerikanen met vuur en zwaar bestreden werd, nu een trouwe bondgenoot van het Witte Huis is. 

Confusão is het antwoord dat je krijgt als je vraagt waarom dit land een van de tien armste ter wereld is, terwijl je vanuit de krottenwijken de olieplatformen kunt zien liggen die hier dagelijks 1,3 miljoen vaten olie uit de zeebodem pompen. 

Confusão is het woord dat regeringsambtenaren gebruiken als je ze vraagt naar de 8 miljard dollar aan olie-inkomsten die volgens mensenrechtenrapporten tussen 1997 en 2002 spoorloos verdwenen. 

Vluchtelingenkamp

Confusão is het woord dat op de lippen lag van Fundulu, een 28-jarige Angolees die een aantal dagen met me optrok tijdens de reis door dit verwoeste land. 

Fundulu noemde zich het slachtoffer van de confusão omdat hij in 1982 met zijn familie de oorlog ontvluchtte. Twintig jaar lang verbleef hij in een vluchtelingenkamp in Engelssprekend Zambia. Twee jaar geleden keerde hij terug in de hoop een baan te vinden. Zijn ouders heeft hij sindsdien niet meer gezien. Confusão. Het is de enige uitleg die Fundulu daarvoor gaf. 

Fundulu is verward omdat Angolezen hem evenmin accepteren als de Zambianen. Zijn Portugees heeft een accent dat niemand hier kan plaatsen en als Fundulu uitlegt dat hij twintig jaar lang vluchteling was, noemen ze hem een "lafaard, een watje'". Want echte mannen vluchten niet voor de confusão. 

Passagiers

De laatste keer dat ik Fundulu dat woord hoorde gebruiken was bij ons afscheid op de luchthaven van Huambo. Het vliegtuig naar de hoofdstad had slechts vijftig zitplaatsen, terwijl er honderd passagiers voor die vlucht waren geboekt. 

Zij aan zij vochten we ons een weg door de dampende meute. De eerste veertig zitplaatsen gingen, vanzelfsprekend, naar officials van de regering. De laatste tien werden volgens volstrekte willekeur verdeeld onder degenen die vooraan stonden. Fundulu bemachtigde de laatste twee instapkaarten. " Waarom zij wel?", tierden de vijftig woedende achterblijvers, ook al wisten ze het antwoord al. Confusão. 

Bram Vermeulen maakte ook een aantal foto's en een serie radioreportages tijdens zijn reis. Die zijn te vinden via de links aan de rechterkant van dit artikel.

Deel deze pagina

Nieuws

Video en Audio

Meer video en audio